"We hebben de afgelopen jaren actief geworven binnen onze doelgroep. En de
verwachting is dat we nog doorgroeien naar maximaal 2.500 sporters",
stelt Peter Galle, directeur van Sportservice Noord-Brabant, waar Topsport
Brabant en Olympisch Netwerk Brabant onderdelen van zijn.
Als het
aan NOC*NSF ligt, loopt een groot aantal sporters echter het gevaar dat ze
niet meer in aanmerking komen voor hulp van het netwerk. De sportkoepel wil
zich vooral richten op de toplaag van de topsporters en -talenten, wat voor
deze provincie zou betekenen dat er nog maar zo'n 300 sporters overblijven.
De subtoppers vallen dan af. Galle: "Voorlopig verandert er niets. En
wij doen er ook alles aan om ook de talenten en subtoppers te blijven
begeleiden. Daar zullen we dan heel waarschijnlijk wel aanvullende
geldbronnen voor moeten vinden."
Het netwerk werkt nauw samen
met het bedrijfsleven. Galle: "Toen ik hier vier jaar geleden kwam,
waren we voor zeker zeventig procent afhankelijk van subsidies van de
provincie. Nu is dat nog geen twintig procent."
Sportservice
Noord-Brabant werkt met een begroting van acht miljoen euro. "Wij zijn
met 1.200 werknemers op papier een van de grootste werkgevers in de provincie
", stelt Galle trots. Hij doelt vooral op de vele sportleraren en
trainers die gedetacheerd zijn bij Sportservice Noord-Brabant.
Van
die acht miljoen is zo'n 350.000 euro voor het Olympisch Netwerk/Topsport
Brabant. Galle: "Een ton komt van de provincie, 25.000 euro van NOC*NSF
en dan komt er nog 225.000 euro uit bronnen waar wij voor moeten zorgen,
zoals inkomsten uit clinics die we geven en van sponsoring."
Het Olympisch Netwerk Brabant loopt voorop in Nederland. Zelfs uit België is
interesse in de Brabantse aanpak. "We zijn benaderd door het Belgische
ministerie om soortgelijke netwerken in de Vlaamse provincies op te zetten."
Dat Brabant vooroploopt op het gebied van sport is niet nieuw. Het is bekend
dat Brabantse sporters bij de Olympische Spelen veruit de meeste Nederlandse
medailles behalen. "Dat komt voort uit het katholieke verleden van
Brabant, waarin het verenigingsleven hoogtij vierde", verklaart Galle. "
Van de 28.000 sportverenigingen in Nederland komen er maar liefst 5.000 uit
Brabant. De 'sportdichtheid' is twee keer zo groot als in de rest van het
land. En als je iets met veulen doet, komt er altijd unne goeie
bovendrijven. En kijk ook eens naar het aantal van negen betaaldvoetbalclubs
in Brabant. Dat is nergens zo hoog", aldus het oud-bestuurslid van
Willem II.
De insteek van het Olympisch Netwerk Brabant is dat
deze provincie voorop moet blijven lopen op het gebied van sport. Galle: "
Daar is iedereen bij nodig. Zo werken wij nu al samen met 110 scholen en tien
ziekenhuizen in Brabant."
Een van de consultants bij Topsport
Brabant is Manon Doesborgh. Zij hockeyt zelf bij de Tilburgse hoofdklasser
Forward. Doesborgh: "Wij hebben geregeld contact met de topsporters en
informeren hen wat ze zoal van ons kunnen verwachten. Als een judoka
bijvoorbeeld twijfelt in welke gewichtsklasse ze wil uitkomen, sturen wij ze
naar een sportdiëtist die is aangesloten bij ons netwerk. Die kan haar dan
goed advies geven. Maar ook als iemand aan het eind van zijn sportloopbaan
komt, geven we advies. Verder worden we aan de lopende band gebeld door
sporters en vooral hun ouders. Bijvoorbeeld als er snel een mri-scan gemaakt
moet worden. Dan zorgen wij dat ze met voorrang behandeld kunnen worden."
Dat alles met maar één doel, zegt Doesborgh: "Het de
sporters gemakkelijk maken, zodat zij zich geen zorgen hoeven te maken voor
zaken buiten de sport."
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.




















