Kom aan Tilburg en je komt aan Jan Hamming. De rebelse jongen voor wie als wethouder het stads-establishment onontkoombaar is, maar zeker geen doel op zich. ,,Ik doe dit niet voor mezelf”, zegt hij. En: ,,Ik wil bij de gewone mensen horen.’’
De nummer een van de Top van Tilburg is niet echt blij met zijn uitverkiezing. De rebelse jongeman van weleer voert nu de lijst van het Tilburgse establishment aan. Dat is wennen voor Jan Hamming, de 43-jarige PvdA-wethouder en loco-burgemeester van Tilburg. Er is iets van gêne te bespeuren in zijn stem als hij zegt het ‘maar een gezelschapsspelletje’ te vinden. Hij is van de weeromstuit een eigen lijstje begonnen van ‘sterke mensen’ die iets betekenen voor de samenleving.
Het is natuurlijk ook even slikken, voor iemand die als 14-jarige actie voerde bij de vliegbasis Gilze-Rijen, die meedeed aan de grote demonstraties tegen kernraketten in de jaren tachtig en zich als 16-jarige aanmeldde bij de Jonge Socialisten in zijn woonplaats Breda. Hamming, het jonge raadslid dat in 1994 een liedje schrijft en meezingt over politiek waarin de woorden ‘zakkenvullers, loze beloften en leugenaars’ voorkomen. Het zijn termen die momenteel verfoeid worden in de raadszaal. ,,Ach, deze woorden zijn van alle tijden”, vergoeilijkt Hamming, die er aan toevoegt dat hij de oppositie met respect behandelt en niemand wil uitsluiten.
Er mogen dan vele jaren verstreken zijn tussen die rebel en de wethouder, Hamming wil het liefst gewoon Jan zijn. Gewoon Jan voor zijn landelijke partijgenoten, Jan voor de bestuurders en de raadsleden van Tilburg. En bovenal Jan voor de gewone Tilburger. Hij profileert zich nadrukkelijk als gewone jongen, eentje die gemakkelijk toegankelijk is. Bij Willem II prefereert hij de Kingside boven de eretribune. ,,Ik wil bij de gewone mensen horen. Waarmee ik de anderen niet wil diskwalificeren”.
Die anderen zien Hamming aan de periferie van de netwerken. Uit het onderzoek naar de Top van Tilburg blijkt dat zij Hamming er graag bij hebben, maar ook accepteren dat hij afstand bewaart.
Een vreemde eend in de bijt? Hamming fietst door de stad, in jack, trui en broek zonder vouw. Zelden in pak, laat staan dat hij als loco-burgemeester de ambtsketen draagt, door hem steevast ketting genoemd. ,,Heb ik het ding een keer om, vragen ze of het carnaval is.” De ambtsketen gaat alleen om als dat uitdrukkelijk wordt verwacht. Zoals bij het bezoek aan de honderdjarige mevrouw Maas, met wie hij een praatje maakt en een gebakje eet. Vervolgens begeeft Hamming zich naar de bobo’s van het verzorgingshuis, van wie er eentje bijna op de lijst had gestaan. Zijn omgang tussen de bestuurders, helaas geen vrouwen, oogt gemakkelijk.
Zijn uiterlijk helpt bij zijn ‘gewone’ imago. Zijn slungelige motoriek geeft Hamming iets jongensachtigs. Zoiets als gitaar spelen is voor hem niet weggelegd, bekent hij. Hij probeert nu het schaatsen op ‘zijn’ ijsbaan onder de knie te krijgen.
Hij is de meest zichtbare wethouder, wordt herkend op straat. Ook daar waar slechts een enkeling naar de stembus gaat en in wijken die hij – typisch Jan – liever prachtwijken of impulswijken noemt. Want Jan Hamming is het vleesgeworden optimisme. Zoals blijkt bij het schaatsen, maar ook bij de opening van de Skaeve Huse, bestemd voor eenlingen die door hun gedrag niet te handhaven zijn in een buurt. Of bij het overleg rond overlast van Marokkaanse jongeren. Hamming vraagt vier top-Marokkanen - jonge mensen met stevige functies in het land die de dialoog willen bevorderen - het allochtonenbeleid van de gemeente door te lichten.
Zijn enthousiasme is tevens zijn valkuil. Hij belooft te veel, zeggen mensen om hem heen. ,,Er zullen heel wat teleurgestelde Tilburgers rondlopen”, tekenen de onderzoekers op. ,,Dan is hij de eerste die teleurgesteld is”, reageert PvdA- Kamerlid en Tilburger Jan Boelhouwer.
Hamming herkent zich in die kritiek, maar vindt ook dat hij heeft geleerd de verwachtingen te temperen. Hij brengt dat in de praktijk in bij voorbeeld de Hobbemastraat. De wethouder houdt een zogeheten koffiegesprek bij een echtpaar dat boos is over de verloedering van de straat. Het echtpaar verhuist om die reden naar nieuwbouw, waar de wethouder bij een feestelijke gelegenheid een praatje hield. ,,Hij stond daar zo te slijmen. Ik ontplofte”, zegt de bewoner. Op zulke momenten stapt de wethouder er op af. Hij maakt een afspraak en werkt samen met een ambtenaar aan de huiskamertafel van het echtpaar hun bezwaren af, compleet met de (on)mogelijkheden. Na een uurtje is de kou uit de lucht. Hier zien we Hamming op zijn best: zijn bindend vermogen, mensen samen brengen.
Het is die kwaliteit die hij noemt als hem wordt gevraagd naar zijn invloed in de stad. ,,In de opgeknapte wijken is mijn invloed te merken geweest. Daar heb ik de bewoners bij elke stap een stem gegeven en dat was toen niet gebruikelijk. Nu is het andersom en worden bewoners overal bij betrokken. Daar ben ik trots op. Net zoals op de jongerenambassadeurs. Andere steden hebben dat overgenomen.”
Toch is Hamming er niet in geslaagd de politieke gemoederen te sussen. Sterker nog: hij hield zich op de achtergrond, ook tijdens het debat over MIDI waarna PvdA-burgemeester Vreeman opstapte.
De bestuurscrisis maakte hem emotioneel: ,,Het gaat je niet in de koude kleren zitten, dat heb ik tijdens de kerstvakantie gemerkt. Ik zat in een soort achtbaan, die met de Kerst tegen een stootblok tot stilstand kwam.”
Waar was toen uw bindend vermogen?
,,Ik heb wel geprobeerd intermediair te zijn tussen Smolders en Vreeman. Ik heb ze beiden een aantal keren gesproken. Maar niet tijdens de raadsenquête, juist om dat zuiver te houden.”
Waar twee vechten, hebben twee schuld. Had juist u uw invloed niet moeten aanwenden bij partijgenoot Vreeman?
,,Ik heb het geprobeerd. Elk vogeltje zingt zoals het gebekt is. Ruud Vreeman heeft bovendien niet een karakter dat zich laat beïnvloeden”.
De kwestie raakt hem in de ziel: ,,Tilburg is in diskrediet gebracht.” Anderzijds zegt de optimist in hem dat een dergelijke ervaring louterend werkt: ,,Het moet érgens goed voor zijn, het schept ruimte, geeft nieuwe energie.”
Zijn harde werken wordt geroemd. Hij ligt goed bij de landelijke PvdA, was tot voor kort vice-voorzitter. Desgevraagd laat Wouter Bos weten dat Hamming ‘een echte PvdA’er’ is: ,,Grote idealen, maar tegelijk elke dag aan het werk om met kleine stapjes de wereld, de buurt en de straat een beetje beter te maken. Een man naar mijn hart dus”.
Hamming zegt niettemin geen landelijke ambities te koesteren.
Ligt een burgemeesterschap in het verschiet?
,,Ik weet het niet. Het is me allemaal overkomen. Ik studeerde economie in Tilburg om het kapitalisme te doorgronden, om dat te veranderen. De dag nadat ik klaar was – na zeven jaar – heb ik me gemeld als vrijwilliger bij de PvdA.”
Wat zijn uw drijfveren?
,,Ik wil de mensen een stem geven en daardoor heb ik macht. Macht krijg je door de steun van kiezers. Invloed kun je aanwenden om dingen voor elkaar te krijgen. Ik doe het niet voor mezelf. Ik wil mijn idealen waarmaken. Misschien heb ik daarom zo’n moeite met het lijstje van de Top van Tilburg.”
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.















