'Tilburg, je bent er burgemistert.’ Anders dan met een kleine aanvulling op dat bord aan de snelweg kan ik dit advies niet beginnen. Volgens jouw stadsmarketeers is wie de stad binnenkomt een ‘ jij’. Dus jij ook, burgemistert. Zij spreken je keihard en zonder een greintje trots aan.
Zie ook:
Doe daar iets aan, burgemistert. Maak ons trots. Er is weinig, wij kunnen veel. Jij bent een vreemde, was ik ook. Ik kwam werken in de cultuur. Vergeleken met andere steden, waar al veel is, hebben nieuwe initiatieven hier urgentie. Daar hebben we jou voor nodig. Voed ons. Wij zijn een goede bodem, maar de gemeente zaait slecht.
Nieuwe ontwikkelingen ontstaan nooit in grote steden, de concurrentie is er te moordend. Wij zijn te groot om klein en te klein om groot te zijn. Daardoor kruip je niet in je kliekje en kijk je buiten je hok. Voor beginnende initiatieven kan Tilburg een uitstekend klimaat bieden. Tot nu toe doet de gemeente daar weinig mee. Ze heeft weinig visie op de netwerksamenleving, op de beteke¬nis van kennis en creativiteit voor een economie. Laat staan dat de resultaten daar zijn.
Goede mensen trekken weg. We kunnen hard en fatsoenlijk werken, maar er is weinig fatsoenlijk werk. We hebben een uitstekende universiteit en een van de grootste kunstopleidingen van Europa, maar mensen vertrekken na hun opleiding. De meeste hoogleraren wonen buiten de stad. Hopelijk ontwikkel je een visie op de nieuwe economie, die past op de sociale structuren van de stad.
Onze kracht zit in de samenwerking van onderop. Door het rijke roomse leven op de arme grond ontstond een grote wil om dingen samen te doen. Wij zijn een combinatie van traditie en ambitie, van klare taal en vooruitstrevende visie, een worsteling van worsten broodje met www. De Beierse politicus Franz Josef Strauß verwoord de deze provincieparadox zo: ‘Konservativ sein heißt, an der Spitze des Fortschritts marschieren’. Als je te hard gaat, word je afgemaakt, als je te zacht bént ook.
Spreek niet alleen met ons, leer ook het verleden van ons handelen en de hoop van onze gedachten kennen. Café ‘t Buitenbeentje is zo’n typisch Tilburgse plek.
Webontwikkelaars zitten er naast werklozen. Er is een verschil tussen burgemeester en burgemistert, tussen gemeente en geminte. Als je woorden in de Tilburgse taol uit spreekt, zit in de klank al kritische afstand. Wij hebben een gezonde afkeer van gezag. Een burgemeester kies je niet, die overkomt je. Jij bent volgens de reaguurders van Brabants Dagblad een regent, ge¬plukt van het partijrode pluche uit een regentenstad.
Gezonde onvrede leidt tot vernieuwing, mopperen tot vooruitgang en de taal van de vooruitgang is Tilburgs. Laat je niets wijsmaken over onderbuiken in de samenleving. De onderbuik is een gezonde bodem om samen een pilsje op te drinken. Wij houden Willem II in de lucht om erop te kunnen blij ven mopperen. En gezond gemopper leidt tot gemeenschapszin en innovaties. Met carnavaleske aard reageren we op alles door alles om te draaien. Dat leidt tot ongebreidelde creativiteit. Mopperen doe je omdat je wilt dat het beter gaat.
We kunnen niet anders dan voor uit. Tilburg is van buiten geen mooie stad, van binnen wel. Wat mooi was, is vaak gesloopt: gebouwen, maar ook karakters. Wij kunnen niet als in Den Haag achter over zitten en terugvallen op ons mooie verleden. Wij denken niet terug, maar werken vooruit. Denk niet in gebouwen, werk aan mensen. Ondoordachte bouwdrang leidde tot een concertzaal die vaak leegstaat.
Twee wethouders en een burgemeester vielen over het theater van een typetje. Een partijge¬noot van jou zei ooit: ‘ In gelul kun je niet wonen’. Wees geen dossier ronkende rooie Randstedelijke regent, investeer in de vruchtbaarheid van het gelul. Heb het niet over Tilburg, maar over ons. Laat je niet alleen chauffeuren naar Au berge du Bonheur, kom eens af om een paar pilsjes te pakken in ‘t Buitenbeentje.
Vertaal de slimme stedelijke sociale structuren in col¬lectieve trots. Trots is geen verloren slogan op een gehuurde paal langs een uitvalsweg. Trots staat als een huis vol leven middenin de samenleving. Ik hoop dat je straks niet alleen in Tilburg bent, zoals je stadsmarketeers schrijven, maar er voor alle Tilburgers zult zijn. Dan ben je geen burgemistert, dan ben je mijn burgemeester. Dan spreek ik je respectvol aan met ‘u’.
Joost Heijthuijsen is directielid van het Incubate festival
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties
















