MSD-medewerkster Siene Schoonus spreekt haar column uit in De Lievekamp tijdens het debat van Brabants Dagblad over Organon. Foto Roy Lazet
Welk woord omschrijft het beste hoe ik me, als medewerkster van MSD, voel. Geschokt? Verrast? Ja, dat zeker. Bedroefd, onzeker over de toekomst? Dat ook.
Maar als ik er wat langer over nadenk kom ik bij de kern. Ik voel me, als loyale werknemer van het voormalige Organon, domweg bestolen. De kennis die binnen het bedrijf door de jaren heen is opgebouwd, de patenten, de producten die op de markt zijn, de sociale structuur, het terrein met alle gebouwen, de apparatuur in de laboratoria. Dat alles en nog veel meer is niet meer van ons, het is wel door ons gezamenlijk opgebouwd maar het is niet meer van ons. Eens was het wel van ons, althans dat dachten we, of zo voelde het. Dat was in de tijd dat Organon N.V. nog een dochter was van AKZO. Daar zaten we veilig. Ook in die tijd heerste er altijd een vage angst. Wat zou er gebeuren als AKZO ooit afstand van ons zou doen, vrijwillig of gedwongen. Want dat we ooit niet meer bij het AKZO-concern zouden horen daar was iedereen het wel over eens. En gelukkig heeft het nog best lang geduurd voordat het zover was.
We zouden onder de naam Organon Bioscience als een zelfstandig bedrijf naar de beurs gaan. Er stroomde een enorme energie door het bedrijf om het hele avontuur te laten slagen al wisten we eigenlijk wel dat we voor de grote farmaceutische concerns niet meer dan een hapklare brok zouden zijn. Hans Wijers, de topman van AKZO Nobel, dacht er ook zo over en serveerde ons als mosterd voor de maaltijd aan Schering-Plough. Dat was een enorme schok.
Maar de zoetgevooisde stem van topman Fred Hassan vroeg ons om door te gaan met ‘business as usual’ en gaf ons samen met Schering-Plough het dubbelzinnige toekomstperspectief: ‘Together we will write history’. En zo is het gegaan.
We hebben laten zien dat we goed zijn en onze zaakjes prima op orde hadden en schikten ons naar de nieuwe eigenaar. Fred Hassan deed achteraf precies wat er van een gehaaid zakenman, verwacht mag worden. Hij verkocht ons niet veel later via een slimme constructie door aan MSD.
Ach, dachten we, de eerste overname hebben we ook overleefd, dus dit zal ook wel goed komen. Opnieuw moesten we laten zien wat we in huis hadden.
En net toen iedereen weer een beetje thuis was in de nieuwe projecten verscheen er op 30 juni, totaal onverwacht, een bericht in het Brabants Dagblad. Een bericht dat zo volkomen misplaatst leek dat het wel waar moest zijn. Tot overmaat van ramp werd het vanuit MSD bevestigd noch ontkend. Toen kon het niet anders dan waar zijn.
Wij voelen ons als een vette kip, listig gevangen door een sluwe vos omdat de boer niet goed op zijn zaakjes heeft gepast. Na een week van onzekerheid, speculaties en heel veel praten met elkaar werd het bericht inderdaad bevestigd. Ik kon het niet geloven. Nu nog niet. Ik weet dat het waar is, dat ik over grofweg gezegd een half jaar thuis zit. Maar ik kan het nog niet geloven. Hoe kan zoiets in godsnaam gebeuren? Voor de bedenker van dit onzalige plan is het gewoon een streep door het voormalige Organon.
Hoe kan dit toch? Onze pijplijn is goed gevuld, onze productportfolio is prima in orde. We genereren winst. Hoe kan het dan dat wij van de kaart verdwijnen? Wat ik snap is dat wij, de werknemers, de locaties en alle producten en hun ontwikkeling tweemaal verkocht zijn aan de hoogst biedende. Ik snap ook dat verkocht worden betekent dat je geen zeggenschap meer hebt over wat tot dan toe als vanzelfsprekend voelde als je eigendom.
Ik snap het maar ik begrijp het niet. Hoe kan iemand dat nou doen? Het voelt zo oneerlijk, ons werk en onze jarenlange inzet wordt volkomen legaal van ons afgepakt. En voor mijn gevoel dient het uiteindelijk geen enkel ander doel dan het veiligstellen van de beurskoers van MSD. En hoe kan het dat de Amerikanen niet zien dat een innovatief, winstgevend bedrijf met goede arbeidsvoorwaarden van onschatbare waarde is voor de lokale en regionale samenleving?
Ik heb geen bedrijfseconomie gestudeerd, ik ben chemicus. En tot voor kort dacht ik dat ik dat mijn hele werkzame leven zou zijn. Nu niet meer want over een half jaar ben ik fulltime huisvrouw en zit ik thuis met mijn brief dat ik tot het einde van mijn dienstverband vrijgesteld ben van werkzaamheden. Ik krijg een ontslagpremie van 15 maandsalarissen vanwege het feit dat de firma Organon N.V. tot de laatste snik goed voor zijn werknemers zorgt.
Ja, de schok en de verrassing zijn er inmiddels af, bestolen voel ik me ook nog wel maar het gevoel wat als laatste overblijft is het verdriet over het werk wat op deze manier van me afgenomen wordt en de onzekere toekomst die ik tegemoet ga.
Siene Schoonus werkt bij MSD Organon in Oss. Dit artikel is een ingekorte versie van de column die Schoonus in Oss heeft uitgesproken bij het Brabants Dagblad-debat over de gevolgen van het massaontslag bij MSD Organon.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.


Sorteer reacties













