Op dit 'industrieterrein van morgen' moet de kennis die de Drunense Metal Valley-bedrijven hebben worden vastgehouden en uitgebouwd, om innovatieve producten te kunnen maken. Ook voor de Wärtsilä-mensen is daarin plaats. Dat zei Commissaris van de Koningin (CdK) Wim van de Donk gisteren tijdens zijn werkbezoek aan de bedrijven Wärtsilä en LDM. De CdK liet zich informeren over de gevolgen van de op handen zijnde productieverplaatsing van scheepsschroeven naar China en de mogelijkheden om dat economische verlies - 420 van de 700 mensen raken hun baan kwijt - voor de regio te compenseren.
"We moeten accepteren dat mensen hun huidige baan verliezen. Dat is buitengewoon triest. Maar, net als destijds bij DAF, kan uit dit verlies iets goeds voorkomen." Dat kan volgens Van de Donk door 'markten aan te boren waar metallurgische kennis en slimme technologie leidend zijn'. "Daarvoor zijn slimme productiewerkers nodig. Er is hier zoveel talent. Werknemers met deze mogelijkheden gaan we niet naar de begonia's sturen. Nog even en we komen weer mensen tekort, oudere én jongere."
Wärtsilä wil in (de omgeving van) Drunen een zogenoemd Propulsion Technology & Services Centre vestigen, waarin research en ontwikkeling voor het concern wereldwijd een voorname plaats gaat innemen. Daar kan een deel van de resterende werknemers aan de slag.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.


















