30 jan 2008, 03:43 - WAALWIJK - De Waalwijkse zeekadetten varen sinds enkele weken niet op zomaar een boot, maar op een varend monument.
Hun Aquarius, een oud marineschip, kreeg na een periode van twee jaar formulieren invullen, documenten aanleveren en inspecties, deze fraaie erkenning.In de winter ligt de boot in de haven aan de Bergsche Maas bij de Zomerdijk, niet ver van de pont naar Drongelen. 's Zomers gaan de kadetten regelmatig op kamp, en dan gaan ze met de boot.
De dames en heren die de boot wekelijks bemannen, zijn trots op de onderscheiding. "Het mooie is dat al het werk door de leden zelf gedaan wordt", zegt een ouder bemanningslid. "Het is echt een erkenning voor de zeekadetten zelf."
Jos van Heijst (27) is hoofd nautische dienst én eerste officier. Hij kwam op zijn veertiende aan boord van de Aquarius. Het lijkt inmiddels een tweede thuis, getuige de manier waarop hij er rondloopt.
"De buitenkant van de boot is door de jaren heen intact gebleven. Dat is ook een voorwaarde om varend monument te worden. Alleen de kleur is anders. In plaats van marinegrijs is het nu zeekadettengeel."
Van Heijst, in het dagelijks leven werkzaam bij een handelsonderneming in Oss, gaat voor op de steile trap naar beneden. "De binnenkant heeft in de loop der jaren een metamorfose ondergaan. Dit schip voorzag vroeger andere schepen van drinkwater. Het ruim zat vol watertanks." De zeekadetten verbouwden al die tanks op inventieve wijze tot leef- en slaapruimten.
"Toen wij het schip in gebruik namen waren er maar vier echte slaapplekken. Daarnaast was er nog een werkruimte. Als we met zijn allen op de boot sliepen, zetten we daar stapelbedden neer."
De zeekadetten worden op basis van geslacht, leeftijd en functie verdeeld over de slaapvertrekken. De verschillende groepjes eten ook gescheiden, er is geen grote gemeenschappelijke ruimte. De combuis is een ruimte van hooguit twaalf vierkante meter. Toch bereid de logistieke ploeg daar het eten voor een kleine dertig mensen.
Varend monument of niet, de Aquarius is nooit helemaal af. "We willen overstappen op elektrisch koken, en we willen de toiletten benedendeks hebben", zegt Van Heijst in de machinekamer. Daar zijn de mannen van de technische dienst bezig met de motor. Ze kennen de motor van binnen en van buiten. "Die motor is trouwens nog in originele staat."
Tenslotte arriveren we helemaal voorin de boot, bij de commandant en zijn officieren. De commandant is Ted Gijsman. Zijn taak is toezicht houden op veiligheid en sfeer. Meestal gaat dat spelenderwijs. "In geval van nood moet ik het heft in handen nemen, maar doorgaans is dat niet nodig."
Gijsman is trots op de Aquarius. "Van alle zeekadetkorpsen hebben wij de mooiste boot. Maar dat vindt ieder korps! Zo heeft het korps van Schiedam bijvoorbeeld een oude mijnenveger. Die is ook wel bijzonder."
Ondertussen zijn de zeekadetten binnen én buiten bezig met allerhande activiteiten. In een van de voormalige watertanks krijgen enkele tieners onderricht in de theorie van de scheepvaart. Buiten zijn ze bezig met kabels en touwen. Ze leren het scheepvaartvak in de praktijk. Waar kan dat beter dan op de monumentale Aquarius?
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.


Sorteer reacties


















