foto Rianneke Huibers/BD
foto Rianneke Huibers/BD
foto Rianneke Huibers/BD
foto Rianneke Huibers/BD
foto Rianneke Huibers/BD
foto Rianneke Huibers/BD
Het gebouw van Jenaplanschool Antonius Abt in Slot Haverleij in Engelen. foto Rianneke Huibers/BD
Zie ook de videobeelden
ENGELEN - Op de meeste scholen zitten leeftijdgenoten bij elkaar in de klas. Zo niet op een Jenaplanschool, waar wordt gewerkt met stamgroepen. Dat gebeurt bijvoorbeeld op de Antonius Abt, in Slot Haverleij in Engelen.
„Kom maar even naast me zitten, dat is makkelijker. Wacht, ik tel af...1..2..3.” Margot Baars uit Den Bosch (12) dirigeert moeiteloos twee jongere meiden naast zich om een lied voor de groepsvoorstelling te oefenen. Leerkracht Hanneke van Veldhuisen laat het gebeuren, want zo moet het: in een stamgroep helpen de oudere kinderen de jongere.
Op de Jenaplanschool Antonius Abt in het Slot Haverleij wordt gewerkt met stamgroepen. Leerlingen uit groep 1-2, 3-4-5- en 6-7-8 zitten samen in één klas. Dat is om een gezinssituatie na te bootsen, waar immers ook kinderen van verschillende leeftijden met elkaar leven. Met het verschil dat de kinderen op school niet altijd de oudste of de jongste blijven, want zij schuiven natuurlijk door van de middelste stamgroep naar de bovenste. „Daardoor gaan de oudsten bijvoorbeeld niet stoer doen of baasje spelen, want ze beseffen goed dat zij zelf ook eens die andere positie hebben gehad’’, legt adjunct-directeur Anite van Ooijen uit. ,,Een gewone groep 8 laat veel meer ongewenst gedrag zien door dat stoer doen,” vindt ook Van Veldhuisen.
Kinderen leren gemakkelijk van elkaar. Zo eenvoudig is de gedachte achter dit systeem. Het heeft een sociale functie, maar ook een cognitieve. Van Oijen: „Wij werken hier met een gedifferentieerd aanbod. Dat lukt een leerkracht bijna niet alleen. Daarom gebruiken we ook de kinderen daarvoor. Soms snap je het gewoon beter als een ander kind het aan je uitlegt. Of je durft eerder hulp te vragen.”
Margot uit groep 8 neemt haar rol als oudste van de stamgroep als vanzelf serieus. „Ik vind het wel leuk om de juf te spelen.” Als prepuber met tienjarigen in de klas geeft ook nadelen: „Geheimen vertel ik wel aan mijn vriendinnen van mijn eigen leeftijd.”
Isa Gruson (12) uit groep 7 ziet al minder verschillen: „De kleintjes zijn niet kinderachtig. In groep 6 weet je al meteen hoe je in groep 8 moet doen.” De overgang van middenbouw naar bovenbouw vindt zij wel groot. Daar had Sarah Hommersom (10) uit Engelen niet zo’n last van, geeft ze aan. Haar mouwen verraden dat ze nog wel eens in de zandbak komt. De stamgroep voelt vertrouwd voor haar: „Je kan ook met oudere kinderen spelen, dat is leuk.”
Het lijkt aanpoten voor een leraar; zulke verschillende leeftijden. Maar dat valt mee, stelt Van Veldhuisen, omdat de kinderen dus zelf ook een rol hebben. Bovendien krijgen ze wel bijna dagelijks aparte instructieles met leeftijdgenoten. De kinderen worden ook niet echt anders aangesproken. Zelfs niet bij zoiets geladens als een les seksuele voorlichting. Van Veldhuisen: „Och, de oudsten denken heel wat te weten, maar dat valt altijd tegen. Dus je kan gewoon het hele verhaal van voren af aan vertellen. En als een jong kind er nog niet aan toe is, dan pikt ie het toch niet op.”
Antonius Abt
Jenaplanschool Antonius Abt is ooit begonnen in Bokhoven, maar zit nu in Slot Haverleij in Engelen.
De school hoort bij ATO Scholenkring en telt 535 leerlingen. Zij komen niet alleen uit de Haverleij en Engelen, maar vanwege het schoolconcept uit de hele regio.
Er zijn zeven kleuterklassen, acht stamgroepen 3-4-5 en zes stamgroepen 6-7-8. De school is opgebouwd in clusters, waar kinderen van 4-12 jaar dicht bij elkaar zitten en veel samen doen. De school barst bijna uit zijn voegen en krijgt daarom een tweede locatie.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.





























