Schouwburg Casino gezien vanuit de Triniteitstraat in juli 1938
s-Hertogenbosch, Parade ; Schouwburg Casino in september 1968 Fotograaf: Farla & Van Mackelenbergh
Straatbeeld in noordelijke richting met rechts het nieuwgebouwde Casino. De lage huisjes links werden gesloopt in 1938. Op de achtergrond de Parade met de Sint Jan. Datering: 1936
De weg van elke stad is geplaveid met goede voornemens, idealen, hemelbestormende plannen. De mooiste komen zelden ver. Architecten ontwerpen voor morgen en liever nog voor overmorgen of de eeuwigheid. Maar heel wat plannen komen niet verder dan papier. Het Concert- en congresgebouw dat architect Jos Klijnen bedacht voor Den Bosch is er zo een.
Zie ook:
Klijnen won in 1954 een wedstrijd van de stad met een monumentaal ontwerp dat aan de rand van het Bossche Broek een blikvanger moest vormen. Het zou de binnenstad koppelen aan het natuurgebied en de uitbreidingswijk Zuid. Een gedurfd plan dat paste in de tijd kort na de oorlog, toen Nederland opnieuw moest worden opgebouwd.
Om het contrast met de stenige binnenstad en de Sint-Jan te versterken, moest het een wit en licht gebouw worden met dakterrassen en balkons die uitzicht zouden bieden op de natuur.
Behalve het concertgebouw zou achter de Parade een museum komen en richting Pettelaarseweg een muziekschool. Den Bosch als eerste Brabantse stad in één klap op de culturele kaart. Gewaagd, modern én een brug te ver voor het traditionele Den Bosch. De stad werd in de jaren erna ingehaald door Eindhoven en Tilburg, die er beter in slaagden de podiumkunsten goed onder dak te krijgen. Pas twintig jaar later kwam er op de Parade een nieuwe schouwburg met toneel, dans, muziek, carnaval, bioscoop en congrescentrum als voordeurdelers. Dat was een andere tijd, waarin een veelzijdig en democratisch gebruik van het gebouw voorop stond.
Al snel na opening van het theater in 1976 , dat toen nog Casino heette, bleken de beperkingen. De akoestiek bijvoorbeeld was voor muziek zo matig dat zelfs geschoolde zangers op het Internationaal Vocalisten Concours niet zonder versterking kunnen. Des te zuurder daar het oude Casino van architect Brück (1935) geroemd werd om zijn geluid. Geen wonder dat Het Brabants Orkest de wijk nam naar Eindhoven, dat wel een nieuw muziekcentrum bouwde.
Pogingen om in Den Bosch alsnog een echte gehoorzaal onder de grond te stoppen mislukten. De zaal onder de Parade liep onder meer stuk op angst voor verzakking van de Sint-Jan. En dus rollen de musici van Het Brabants Orkest bij grote symfonieën soms bijna van het podium van het Theater aan de Parade.
Deze maand viert het Bossche theater desondanks zijn 35-jarig bestaan. Wellicht de zwanenzang voor het in 1976 voltooide gebouw van Kraaijvanger Architecten. Want Den Bosch maakt nu dwars tegen de tijdgeest in ernst met een nieuwe schouwburg met een grote zaal met ongeveer duizend en een middenzaal met rond 500 stoelen.
"Na bijna veertig jaar is Theater aan de Parade bouwkundig aan zijn eind. Het podium is met twaalf bij twaalf meter te klein. Het gebouw is een enorme bunker die niet de uitstraling heeft die de bezoeker van nu verwacht", zegt directeur Harry Vermeulen van de Bossche schouwburg.
En de stad moet opschieten. In het Jeroen Boschjaar 2016 en
2018 Brabant Culturele Hoofdstad zou zij een wervend theater moeten hebben. Vermeulen: "Elke dag niet gebouwd, is een verloren dag." Volgens hem moet het nieuwe theater een trefpunt in de stad worden met ruime foyers en goede horeca. Een theater van de toekomst, want je kunt het maar een keer goed doen. "We moeten nu bouwen waar het publiek over twintig jaar nog behoefte aan heeft. Modern pluche voor de warme uitstraling", denkt Vermeulen, "en een open gebouw waar mensen niet alleen voorstellingen bezoeken, maar elkaar ook overdag ontmoeten, hun computer of tablet gebruiken, werken, eten en drinken of naar het opbouwen van decors kijken", zegt Vermeulen. Een goede akoestiek wordt als het aan hem ligt een speerpunt. Een theater als De Spiegel in Zwolle bewijst dat het kan, vindt hij. Daar kan de zaal door enkele ingrepen schakelen tussen toneel en (klassieke) muziek.
Vermeulen wil stad en regio bedienen en het publiek een topavond bieden. Waar het theater komt vindt hij minder belangrijk, mits het goed bereikbaar is en er voldoende parkeerplaatsen zijn voor fiets en auto. De genoemde plekken behalve de Parade kunnen daaraan voldoen, vindt hij.
Mede om ook een financieel gezond beheer mogelijk te maken zou het nieuwe theater volgens Vermeulen meer moeten zijn dan een ruimte voor een zo breed mogelijke programmering.
Het theater zou naast trefpunt voor de stadsbewoners een baken kunnen zijn. Dat vraagt om een groot gebaar, een uitdagend ontwerp met bijvoorbeeld een dakterras op de toneeltoren, waar bezoekers kunnen genieten van het uitzicht. Een monument dat over veertig jaar nog de moeite waard is en niet hoeft plaats te maken voor nieuwbouw.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.




























