DEN BOSCH - Alleen als alle ziekenhuizen over de brug komen met hun sterftecijfer, kan het aantal doden in ziekenhuizen afnemen. Bij volledige openheid kunnen de ziekenhuizen iets van elkaar leren.
Zie ook:
Dat stelt het Jeroen Bosch Ziekenhuis in Den Bosch. Dat maakte afgelopen weekeinde als één van de weinige ziekenhuizen de index van het aantal sterfgevallen in het ziekenhuis bekend. Deze HSMT (Hospital Standardised Mortality Rate) geeft geen exact dodenaantal, maar een index van het aantal sterftegevallen.
De index van het JBZ staat op 107.
Dat betekent een gemiddelde score. Noordegraaf benadrukt dat het cijfer wordt berekend met alle sterfgevallen in een ziekenhuis. „Niet alleen de vermijdbare doden zijn meegerekend.” Het getal komt op een ingewikkelde manier tot stand. „Het aantal sterfgevallen wordt op allerlei manier gecorrigeerd, bijvoorbeeld als het ziekenhuis in een regio zit met veel ouderen”, aldus Noordegraaf.
Het JBZ onderzoekt zelf hoe groot het aandeel vermijdbare doden is en wat er moet gebeuren om die te voorkomen. Overleg daarover met andere ziekenhuizen is volgens Noordegraaf van groot belang. „ Je kunt leren van anderen, en daardoor gezamenlijk de sterftecijfers laten dalen.”
Noordegraaf noemt als voorbeeld cijfers over doorligwonden. „Toen die bekend werden, was daar ook veel protest over.” Inmiddels hebben ziekenhuizen volgens de woordvoerster zoveel van elkaar geleerd dat het aantal mensen dat in een ziekenhuis doorligwonden oploopt fors daalt. Desondanks weigeren de meeste Nederlandse ziekenhuizen hun sterfte-index bekend te maken.
Het St. Elisabeth Ziekenhuis in Tilburg vindt dat de HSMT daarvoor nog onvoldoende is ontwikkeld. Woordvoerder Wim Pleunis: „Het sterftecijfer is een prima aanjager om de prestaties op een hoger niveau te krijgen.” Openheid is nog geen optie. „Het cijfer wordt beïnvloed door de specialismen van een ziekenhuis. Zo is de sterftekans bij oogheelkunde nihil en bij traumazorg juist heel hoog.”
Ook ziekenhuis Bernhoven in Oss en Veghel vindt het cijfer nog niet genoeg ontwikkeld. „We hebben onvoldoende zicht op de achterliggende gegevens”, zegt hoofd communicatie Karen Wijnen. „Het is een goed instrument voor verbetertrajecten. Maar er kan nog geen objectieve vergelijking tussen de ziekenhuizen mee gemaakt worden.” Dat beaamt longarts Jeroen Retera van het TweeSteden Ziekenhuis in Tilburg. „We willen eerst controleren of de diagnoses die gebruikt zijn bij de sterfgevallen wel kloppen. Dat is namelijk niet altijd zo. En dan is het appels met peren vergelijken.”
Celia Noordegraaf van het JBZ bestrijdt dat de index niet ontwikkeld is. „Wij denken ook dat ons cijfer lager is als er in de buurt van het JBZ een hospice komt waar mensen rustig kunnen sterven. Maar aan het cijfer wordt al vijf jaar gewerkt. Wij vinden dat het inmiddels een goede indicatie van het ziekenhuis geeft.”
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.


Sorteer reacties














