De start van de omlegging van de Zuid-Willemsvaart bij Den Bosch lijkt nog ver weg. "Pas eind 2010, begin 2011 zal het werk beginnen. Maar we zijn al druk met de voorbereidingen bezig", zegt projectleider Bert Kappe van Rijkswaterstaat. Naar verwachting beslist de Raad van State eind dit jaar op een dertigtal beroepen tegen het tracébesluit. Pas daarna wordt het werk aanbesteed.
Maar nog deze maand krijgen eigenaars en gebruikers van gronden op het tracé
tussen Den Dungen en de Maas bij Empel van Rijkswaterstaat een brief waarin
al grondonderzoeken worden aangekondigd. Onder andere de draagkracht en de
precieze samenstelling van de grond op het tracé worden onderzocht. Ook is
er milieu-onderzoek, en wordt bekeken waar zich mogelijk explosieven uit de
Tweede Wereldoorlog of archeologische resten bevinden. De onderzoeken zijn
een vervolg op inventarisaties die al eerder zijn gedaan, bij de
voorbereiding van het in juli vorig jaar vastgestelde Tracébesluit Omlegging
Zuid-Willemsvaart.
Er worden onder andere grondboringen en
grondsonderingen tot tien à vijftien meter diepte gedaan om de samenstelling
en de draagkracht van de grond te kunnen onderzoeken. "Zo willen we
weten of grond uit het toekomstige kanaal wat samenstelling betreft geschikt
is voor de kanaaldijken. En hoe de draagkracht van de grond is", aldus
woordvoerder Jeroen van der Heijden van Rijkswaterstaat. Hij is coördinator
omgevingszaken van het project Omlegging Zuid-Willemsvaart. Met de uitkomst
van het onderzoek wordt onder andere rekening gehouden bij het
funderingsadvies voor bijvoorbeeld viaducten over het nieuwe stuk kanaal.
Van der Heijden: "We moeten bovendien kijken of er ergens misschien
'voorbelasting' nodig is. Dat wil zeggen dat je extra grond opbrengt en die
laat inklinken, om later verzakkingen te voorkomen. Er worden namelijk ook
wegen verlegd."
Het onderzoek naar archeologische resten en
explosieven heeft voorlopig vooral achter het bureau plaats, aldus Van der
Heijden. "Wat archeologie betreft verwachten we geen heel waardevolle
vindplaatsen. Maar het is wel mogelijk dat we hier en daar proefsleuven gaan
graven en onderzoek laten doen. Dat zou dan vanaf eind dit jaar gebeuren.
Voor explosieven kijken we onder andere op luchtfoto's en in algemene
databases. Waar vermoedens van de aanwezigheid van explosieven bestaan,
zullen we daar straks met de aannemer over overleggen."
Wat
in deze fase van voorbereiding ook nauwkeurig wordt vastgelegd, is de
aanwezigheid van kabels en leidingen. "En we doen ook nog een
aanvullend natuuronderzoek", gaat Van der Heijden verder. "Het
gaat er vooral om te bekijken hoeveel vleermuizen en dassen in het gebied
voorkomen, en welke maatregelen we kunnen nemen om die te beschermen."
Rijkswaterstaat wil eind dit jaar een informatiecentrum openen waar burgers
alle gewenste informatie kunnen krijgen over de voorbereidingen en de
voortgang van het werk. "We houden informatieavonden, en praten met de
wijkraden. Toch blijkt dat mensen vaak niet goed op de hoogte zijn. De
omlegging van de Zuid-Willemsvaart blijft een beetje een
ver-van-mijn-bed-show", licht communicatie-adviseur Suzanne Maas namens
Rijkswaterstaat toe. "We hebben aan 750 mensen gevraagd hoe ze het
liefst geïnformeerd willen worden. Daar kwam uit dat er behoefte is aan één
informatiecentrum voor alle vragen, waar alle vijf betrokken overheden aan
meewerken." Die vijf overheden zijn de gemeenten Den Bosch en
Sint-Michielsgestel, de provincie Noord-Brabant (in verband met aanpassing
aan N279), het waterschap Aa en Maas (in verband met aanleg van de
Rosmalense Aa) en Rijkswaterstaat. Naar een passende locatie voor dit
informatiecentum wordt nog gezocht.
Inmiddels begint
Rijkswaterstaat ook al met zogenoemde keukentafelgesprekken. Op zeven
plaatsen langs het negen kilometer lange tracé worden burgers bijgepraat.
Maar álle details zijn nog niet bekend. De ontwerpen van de twee sluizen in
het traject bijvoorbeeld worden in overleg met de aannemer uitgewerkt.
Projectleider Kappe: "We kunnen daarom pas ná de aanbesteding vertellen
hoe die er precies uit gaan zien." Enige onzekerheid is er ook nog over
de spoorbrug over het kanaal. Mogelijk wordt het tracébesluit op dit punt
nog aangepast aan nieuwe geluidsberekeningen. "We overleggen hierover
nog met Prorail."
Niet iedereen is overtuigd van de
wenselijkheid van de omlegging. Projectleider Kappe vindt het toekomstige
kanaal en de Rosmalense Aa, met ecologische verbindingszone, echter een zeer
waardevolle toevoeging aan het landschap. "Veel mooier dan alleen die
brede A2 met bedrijven ernaast."
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.























