EINDHOVEN - Philips wil de High Tech Campus voor een deel verkopen aan de gemeente Eindhoven en de provincie Noord-Brabant. Dat stellen betrouwbare bronnen tegenover het Eindhovens Dagblad.
Philips, gemeente en provincie zouden gezamenlijk een belang van 49 procent van de aandelen in de Eindhovense campus nemen. Voor de resterende 51 procent zou een vastgoedbelegger worden gezocht.
Philips maakte bijna twee jaar geleden bekend dat het de gebouwen en grond langs de A2/A67 in Eindhoven-Zuid wil verkopen. Het concern stelde dat het voor nieuwe bedrijven aantrekkelijker wordt zich te vestigen op de campus als Philips zich als huurbaas zou terugtrekken.
In de afgelopen tijd slaagde Philips er niet in om een koper te vinden. Naar verluidt moest een geïnteresseerde vastgoedpartij afhaken als gevolg van de kredietcrisis. Pogingen om het rijk tot participatie te verleiden, slaagden evenmin.
Inmiddels werken Philips, de gemeente en de provincie volgens ingewijden aan een intentieverklaring over de participatie. Het provinciebestuur maakte onlangs bekend wel geld te willen steken in de ontwikkeling van bestaande en nieuwe campussen voor bedrijven en kennisinstellingen. De provincie heeft geld te besteden van de verkoop van energiebedrijf Essent.
Over de prijs voor aandelen in de High Tech Campus zijn nog geen afspraken gemaakt.
Philips zou voor de waarde van de hele campus op een bedrag van tussen de 400 en 450 miljoen euro mikken.
In vastgoedkringen wordt verondersteld dat de opbrengst bij de huidige stand van de markt lager moet worden ingeschat.
Philips bouwde de campus tien jaar geleden. Het investeerde er zo’n 500 tot 600 miljoen euro in. In eerste instantie was het de bedoeling dat het concern er zelf 8000 werknemers op het gebied van onderzoek en ontwikkeling zou vestigen.
Later werd de campus ook voor andere bedrijven opengesteld.
Ook onder invloed van verzelfstandiging van een aantal Philips-bedrijven is het aantal Philips-medewerkers tot 3000 beperkt gebleven.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.






















