’Omzwervingen door het andere Nederland’ , luidt de ondertitel van ‘Café Mogadishu. Het andere Nederland!’
Het andere Nederland!’ Voor de schrijver van dit boek, de in Eindhoven geboren en getogen diplomaat Robbert van Lanschot, zijn er kennelijk twee Nederlanden: een ander - lees allochtoon - Nederland én een authentiek - lees autochtoon - Nederland. Deze tweedeling, die als een rode draad door het boek loopt, houdt de auteur consequent vast. Daarbij gaat zijn aandacht vooral uit naar het allochtone Nederland dat hij af en toe bezoekt, waar hij aan ruikt en dat hij in een niet te stuiten stroom anekdotes, observaties en columns beschrijft. Verder dan gemeenplaatsen komt hij daarbij niet. Dat kan ook niet anders als je het allochtone Nederland om de paar dagen een paar uur bezoekt en je daarna weer terugtrekt in de geborgenheid van je diplomatenhuis ver weg van de probleemwijken. Van enige nuancering en verdieping kan dan geen sprake zijn. Het allochtone Nederland verwordt dan al gauw tot een circus dat met de onderbuikretoriek van de doorsnee koffiehuisbezoeker wordt beschreven.
Maar daar blijft het niet bij. Het andere Nederland blijkt voor de auteur vooral een moslim-Nederland te zijn dat wordt bevolkt door lieden die een geloof aanhangen dat eigenlijk niet bij ons land hoort. Moslims worden op een paar uitzonderingen na als medeburgers neergezet die lichtjaren van het andere - lees autochtone - Nederland verwijderd zijn. Dit thema komt keer op keer terug in het boek. Bij bezoeken aan moskeeën en koffiehuizen, ontmoetingen met moslima’s, confrontaties met criminele Marokkaantjes, wandelingen door probleemwijken en trektochten door moslimlanden. Het eigene van de moslimcultuur wordt eruit gelicht, vergroot en als een karikatuur neergezet. Met als gevolg veel moslima’s met hoofddoeken, Arabisch sprekende mannen in soepjurken, radicale imams, doorgeslagen probleemjongeren en uit hun verband gerukte citaten uit de koran die de indruk wekken dat moslims wereldvreemde sektariërs zijn. Dat het overgrote merendeel van de Nederlandse moslims allang is geïntegreerd en hun geloofsbeleving steeds meer aanpassen aan de samenleving waarvan ze deel uitmaken, wordt door de auteur buiten beschouwing gelaten. Wat overblijft is een allegaartje van gemeenplaatsen dat geen recht doet aan de Nederlandse moslims: Een anekdotisch vlugschrift waarmee niemand iets opschiet - de samenleving niet en de Nederlandse moslims al helemaal niet.
Ibrahim Wijbenga woont in Eindhoven en is voorzitter van de stichting Islamitisch Begrafeniswezen.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties













