Het gezaghebbende en doorgaans verstandige Britse weekblad The Economist schreef onlangs dat Amerika's ogenschijnlijke onvermogen om structurele problemen aan te pakken, zoals de crisis in de gezondheidszorg, niet veroorzaakt wordt door het politieke system, maar door politici.
En dan vooral president Obama. Die zou volgens het weekblad niet hebben geprobeerd gemene zaak te maken met de Republikeinse oppositie. Had hij dit wel gedaan, in plaats van het initiatief voor de hervorming van het zorgstelsel bij de linkervleugel van de Democraten in het Congres te leggen, dan had hij waarschijnlijk meer bereikt.
The Economist gedroeg zich in dit geval als spreekbuis van de Republikeinse oppositie in de VS, die zich inderdaad als de redelijkheid zelve probeert voor te doen maar er in werkelijkheid slechts op uit is om de president tegen te werken in zijn streven de gezondheidszorg te hervormen. Ze maken hem uit voor links-radicaal en proberen zo in te spelen op de nervositeit van de Amerikaanse kiezer over de labiele economische toestand van het land.
Tijdens de topontmoeting over de gezondheidszorg tussen de president en een aantal vooraanstaande Republikeinen, eind februari, was weer te zien dat de oppositie wat dit onderwerp betreft niet in een compromis is geïnteresseerd.
Dat het voor de president anders ligt, is misschien het beste te zien aan de kritiek die hij binnen en buiten z'n eigen partij vanuit de linkerhoek over zich uitgestort krijgt. Daar is men juist kwaad op Obama omdat hij zich niet scherp genoeg tegenover de Republikeinen zou opstellen. Volgens 'links' is het een illusie te denken dat er in het politieke midden beleid kan worden gemaakt. Politici en commentatoren uit dat kamp vinden Obama een slappeling omdat hij dat toch blijft proberen.
Je kunt het ook anders bekijken. Als je het - zoals Obama - van beide kanten te verduren hebt, zit je misschien wel ongeveer goed met je ideeën. Maar ook al heeft de president met de huidige versie van zijn hervormingsplan voor de gezondheidszorg links en rechts al compromissen gesloten, het benodigde aantal stemmen in het Congres heeft hij nog lang niet.
Het verzamelen van voldoende stemmen, daar draait het in de Amerikaanse politiek steeds om. In de jaren zestig was president Lyndon Johnson hier een meester in. Met een combinatie van pluimstrijken, intimidatie en cadeautjes voor hun kiezers wist hij van sceptische Congresleden steun te krijgen voor zijn hervormingsplannen, zoals gelijke burgerrechten voor zwarte Amerikanen. Het enige wat je Obama nu zou kunnen verwijten, is dat hij het afgelopen jaar zelf niet genoeg aan de telefoon heeft gezeten om weifelende Congresleden over de streep te trekken.
Obama's probleem is ingewikkelder dan Democraten versus Republikeinen, want juist zijn eigen partij is onderling verdeeld. Het linkse Democratische Congreslid Dennis Kucinich heeft bijvoorbeeld al aangekondigd dat hij tegen het zorgverzekeringsplan van Obama zal stemmen omdat het geen 'staatspolis' bevat.
Een nog groter probleem zijn de conservatieve Democraten die vorig jaar niet of slechts heel moeilijk voor de plannen te winnen waren.
Na de Democratische nederlaag bij de tussenverkiezing in Massachusetts in januari zijn deze nog huiveriger geworden. Het zou niet de eerste keer zijn dat steun voor een groot hervormingsvoorstel volksvertegenwoordigers hun zetel kost. Met zijn topontmoeting met de Republikeinen, eind vorige maand, heeft Obama duidelijk aangegeven dat hij de strijd voor zijn zorgplan niet opgeeft. Gezien de Republikeinse houding moeten de Democraten het nu echter wel zelf doen. Daarvan is ook Obama nu overtuigd.
Het is allesbehalve zeker dat dit gaat lukken. Het hervormingsplan voorziet nog steeds in belangrijke veranderingen, zoals het verzekeren van meer Amerikanen via onder meer een verzekeringsplicht, financiële hulp voor lage inkomensgroepen en inperking van de macht van verzekeringsmaatschappijen.
Maar bij de koehandel tussen de Democraten onderling zijn zo langzamerhand alle maatregelen gericht op beteugeling van de uit de hand lopende kosten van het stelsel verdwenen. Veel Amerikanen zijn in principe wel bereid het stelsel uit te breiden en ervoor te zorgen dat mensen hun zorgverzekering niet kunnen verliezen (bijvoorbeeld bij werkloosheid), maar heel weinigen willen daar aan meebetalen, ook al maakt de huidige situatie de zorg voor iedereen steeds duurder.
Er moet nu dus een meerderheid worden gevonden voor een imperfect plan dat van links en rechts onder vuur ligt en dat de Democraten bij de senaatsverkiezingen in november zetels kan kosten. Niet alleen als het plan doorgaat, maar ook als het mislukt, want een mislukking na zoveel werk en na zó dicht bij succes te zijn gekomen, heeft voor de Democraten eveneens een politieke prijs.
Obama is geen Johnson, maar hij zal de komende weken zijn imposante voorganger in overredingskracht moeten benaderen om zich als effectief hervormer te bewijzen en zijn critici de mond te snoeren.
dr. Ruud van Dijk doceert nieuwste geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties













