Bouw geen muur om vierjarige hbo

door Djoerd de Graaf en Bert Tieben. dinsdag 09 februari 2010 | 09:39 | Laatst bijgewerkt op: dinsdag 09 februari 2010 | 09:44

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
'In onze kenniseconomie is het zaak, dat het hoger onderwijs voor een diverse groep studenten aantrekkelijk is.' foto Hans Steinmeier

'In onze kenniseconomie is het zaak, dat het hoger onderwijs voor een diverse groep studenten aantrekkelijk is.' foto Hans Steinmeier

Werken en intussen haar kansen vergroten, dat was de wens van Joanne Sue van Poppel uit Den Bosch.

Met een mbo-opleiding op zak wilde ze graag op hbo-niveau verder leren, het liefst naast haar werk. Met de nieuwe Associate degree-programma's werd haar die mogelijkheid geboden. Zo'n programma is een tweejarig onderdeel van een hbo-opleiding met een eigen diploma. Ideaal voor mensen zoals Joanne Sue die op hbo-niveau willen doorleren, maar moeite hebben om nog eens vier jaar in de schoolbanken te gaan zitten.

Dinsdag 26 januari plaatste het Brabants Dagblad een opinie-artikel van Marcel Wintels, voorzittervan de Raad van Bestuur van Fontys hogescholen. Hij pleitte voor een afbakening van het terrein van het hbo. Aan twee kanten van het hbo metselt hij een muur. Aan de ene kant moet het hbo geen wetenschappelijke ambitie hebben. Dat is de kern van de universiteit. Aan de andere kant past ook tweejarig hbo niet binnen de hogescholen. Voor studenten die een vierjarige hbo te lang vinden, acht hij een niveau tussen mbo en hbo meer geschikt. Dit tussenniveau zou dan behaald kunnen worden op een nieuw op te richten school, een samenwerkingsverband van mbo en hbo.

Voor het onderscheid tussen hbo en universiteit valt wat te zeggen. Een nieuw tussenniveau tussen mbo en hbo is daarentegen geen goed idee. Daarvoor zijn tenminste drie redenen. Ten eerste kiezen studenten die tweejarige hbo-programma's volgen heel bewust voor een opleiding op hbo-niveau. Het merendeel van de studenten geeft als reden voor de keuze, dat het programma maar twee jaar duurt en dat met een echt diploma in de hand alsnog de keuze kan worden gemaakt voor een vervolg in de bacheloropleiding. Dat heeft een grote aantrekkingskracht op mbo'ers en op werkenden zoals Joanne Sue. Vooral deze groepen kiezen voor de tweejarige hbo-programma's. Een impuls voor het leven lang leren dus.

Ten tweede zien werkgevers juist een korte opleiding op hbo-niveau zitten. De helft van de grotere bedrijven in het MKB heeft behoefte aan werknemers met een tussengraad op dat opleidingsniveau. Veel functies vereisen complexere kennis en vaardigheden dan voorheen, waardoor mbo-diploma's niet langer toereikend zijn. In andere Europese landen is de werkloosheid onder afgestudeerden met een soortgelijke opleiding ook laag. Wel moeten Nederlandse werkgevers nog wennen aan het nieuwe diploma, een gewenningsproces dat bij een nieuw tussenniveau nog veel groter zal zijn.

Een derde reden om de nieuwe graad op hbo-niveau aan te bieden is een praktische. Het sluit goed aan op internationale ontwikkelingen in het onderwijsstelsel. Naast het onderscheid tussen bachelor en master is afgesproken een (vrijwillige) tussengraad in de bachelor in te voeren. Nederland vult dit in met de tweejarige hbo-programma's. De OESO (de Organisatie voor Europese Samenwerking en Ontwikkeling) pleitte hier al voor. In vergelijking met andere landen had Nederland betrekkelijk weinig onderwijs van dit type.

De muur om het hbo die Wintels bepleit, houdt deze vernieuwing in het onderwijs tegen en is dus ongewenst. De behoefte aan de nieuwe tussengraad is er vooral op hbo-niveau en niet op een niveau tussen mbo en hbo in. Overigens heeft Wintels wel een punt dat de wisselwerking met het mbo van groot belang is. Om de doorstroom van mbo'ers naar het hbo te bevorderen zouden mbo-instellingen de tweejarige programma's zelfs deels op zich kunnen nemen onder verantwoordelijkheid van de hogescholen. Het voordeel hiervan is dat mbo-instellingen zich in meer plaatsen bevinden dan hogescholen. Zolang het hbo-niveau maar gewaarborgd blijft.

In onze kenniseconomie is het zaak, dat het hoger onderwijs voor een diverse groep studenten aantrekkelijk is. Nu de economie wind tegen heeft, is het zinvol om langer in de schoolbanken te blijven ter overbrugging naar betere tijden. Niet voor niets is het aantal inschrijvingen in het hoger onderwijs fors gestegen. Binnen het hbo geldt dat nog het meest voor de tweejarige programma's. Het tweejarig hbo speelt adequaat in op de vraag vanuit de arbeidsmarkt en de samenleving naar hoger geschoolde kennis en vaardigheden. Het hbo moet deze vernieuwing omarmen en niet zoals Wintels wil isoleren in een aparte school met een eigen onderwijsniveau tussen het mbo en hbo in.

Djoerd de Graaf en Bert Tieben zijn senior onderzoeker bij het wetenschappelijk instituut SEO Economisch Onderzoek.
 
Reacties
laatste eerstSorteer reacties
Als we nu eerst eens beginnen de opleidingen weer op het oude niveau te krijgen.

Zowel MBO als HBO zijn de afgelopen 25 jaar volledig uitgehold. Financiering op aantal afgestudeerden is de grootste fout die de politiek ooit heeft gemaakt op onderwijsgebied.

Vergeleken met het buitenland stellen de opleidingen ook niets meer voor.

Benno - 10-02-2010 | 10:18

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig

Regels voor artikelreacties

Het Brabants Dagblad geeft lezers op de website de mogelijkheid te reageren op nieuwsartikelen. Het feit dat een mening of visie op maatschappelijke gebeurtenissen wordt gepubliceerd impliceert niet dat het Brabants Dagblad die mening ook deelt of op welke wijze dan ook ondersteunt. Het Brabants Dagblad houdt zich het recht voor reacties te weigeren.

  1. Anonieme reacties worden niet geplaatst. De afzender dient naam en bij voorkeur ook woonplaats te vermelden. Vermelding van het e-mailadres is verplicht.
  2. Reacties met als afzender een overduidelijk valse naam, bijvoorbeeld die van een bekende Nederlander, of met in de afzender scheld- of schuttingwoorden worden niet geplaatst.
  3. Verwijzingen naar websites worden niet geplaatst.
  4. Er mag geen sprake zijn van het schenden van het copyright van derden (citeren mag, complete publicaties overnemen niet).
  5. Letterlijk identieke reacties worden niet geplaatst.
  6. Maak de reacties niet te lang. De grens ligt bij 500 karakters. Complete boekwerken worden als reactie niet gewaardeerd en ook niet geplaatst.
  7. Nietszeggende reacties ("Tsjongejonge" of "Schandalig" ) zonder onderbouwing worden niet geplaatst.
  8. Reacties in een buitenlandse taal kunnen we niet plaatsen.
  9. Reacties volledig of overwegend in hoofdletters, plaatsen we niet.
  10. Commerciële boodschappen (spam) worden niet geplaatst
  11. Reacties die het technisch functioneren van de website zouden kunnen hinderen, worden niet geplaatst.
  12. Er zijn fatsoensregels. Reacties waarin niet fatsoenlijk wordt omgegaan met anderen en andermans mening niet wordt gerespecteerd worden niet geplaatst.
  13. Oproepen tot oproer en demonstraties worden niet geplaatst.
  14. Doodsverwensingen en reacties met scheldwoorden en/of beledigingen worden niet geplaatst.
  15. De wet mag niet worden overtreden. Denk bijvoorbeeld aan de Grondwet en met name artikel 1 ("Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.") Het beledigen of het aanzetten tot haat, discriminatie of gewelddadigheid vanwege ras, godsdienst, levensovertuiging, sekse of seksuele gerichtheid mag evenmin.
  16. Bij reacties waarin concreet bedreigingen worden geuit tegen personen of groepen personen, kunnen wij aangifte doen.

Het IP-adres vanwaar wordt gereageerd wordt vastgelegd.

Zie ook de Leidraad ethisch handelen (PDF) van de redactie van het Brabants Dagblad. Neem bij vragen contact op met de betreffende redactie .

Uw mening

Ingezonden brieven