De wedstrijd traplopen in volle gang in het provinciehuis in Den Bosch. Foto Chris van Cromvoirt
Foto Patrick Guitjens
Het maken van grotere provincies, zoals D66 wil, is een slecht idee. Het vergroot slechts de afstand tussen burgers en bestuur.
Marusjka Lestrade, D66 fractievoorzitter in Provinciale Staten, stelde in het Brabants Dagblad van 13 januari de twaalf provincies te willen herindelen tot maximaal vier. Daarmee stelt ze het voortbestaan van onze provincie ter discussie. De provincie Noord-Brabant zal ons inziens dan verdwijnen en, al dan niet opgesplitst, opgaan in een groter geheel.
Dat is een miskenning van het huidige goede evenwicht tussen taken, geografische omvang en werkzaamheden. De provincie Noord-Brabant staat wat ons betreft niet ter discussie. Wel moet kritisch gekeken worden naar de (omvang van de) taken en de wijze van uitvoeren.
Al vele jaren wordt gediscussieerd over de overheidsstructuur in het huis van Thorbecke. Naast gemeenten, provincies en rijk is een veelheid aan regio’s ontstaan: politie-, veiligheids-, vergunnnings- en kaderwetregio’s. In de Randstad wordt de bestuurlijke drukte met name veroorzaakt door de posities van de grote steden.
Bestuurlijke drukte ontstaat door een veelheid van structuren van deelgemeenten, verlengd lokaal bestuur en landelijke departementale bemoeizucht. Er is onvoldoende parlementaire controle op de activiteiten van deze regio’s. Schaalvergroting van provincies is hiervoor geen oplossing.
Het is slechts het optimaliseren van de bureaucratie en leidt in ons land tot een centralisatie. Het vergroot de afstand tussen burgers, maatschappelijke organisaties en bedrijven, die in het CDA-gedachtegoed juist inhoud en vorm geven aan onze samenleving. In het Europa van de regio’s dient meer rekening gehouden te worden met de culturele identiteit om de relatie met de burgers niet te verliezen.
De bestaande structuur van de provincies moet dienstbaar gemaakt worden aan het effectief oppakken van de maatschappelijke agenda. Dat betekent dat Noord-Brabant moet kunnen verschillen van andere provincies in (wettelijke) taken en verantwoordelijkheden.
Burgers moeten kunnen rekenen op een provinciale overheid die haar werk goed en efficiënt doet. De provincie ontleent haar bestaansrecht aan de mate waarin zij in wisselende omstandigheden weet bij te dragen aan het algemeen welzijn.
Hierbij is een goed samenspel tussen burgers en maatschappelijke organisaties essentieel. Het gaat om het op de agenda zetten van maatschappelijke onderwerpen, daadkracht in de uitvoering van taken en beleid en zorgen voor draagvlak om veranderingen in de praktijk van alledag te kunnen realiseren. De provincie Noord-Brabant zet voor haar taken volop in op de agenda van Brabant, een efficiënte en effectieve organisatie en betrokkenheid van burgers en maatschappelijke organisaties.
De taken die aan de overheid toegekend worden dienen zo dicht mogelijk bij de mensen georganiseerd te worden. De gemeenten zijn als overheid degenen die de taken en verantwoordelijkheden uitvoeren voor hun eigen burgers. Gemeentelijke plannen kunnen vanwege het dichtbevolkte Nederland, de diversiteit aan belangen en de schaarse ruimte al snel ‘problemen’ veroorzaken voor anderen buiten de eigen gemeente. Waar belangen van bovenlokale aard aan de orde zijn wordt het afwegen van en besluiten over belangentegenstellingen (de parlementaire controle) overgenomen door provincie of het rijk. Bovenlokale taken voor de provincie Noord-Brabant liggen op het terrein van gebiedsontwikkeling, ruimtelijke ordening, infrastructuur, volkshuisvesting, sociaal economisch beleid, jeugdzorg en culturele identiteit.
De provincie als medeoverheid heeft een eigenstandig karakter. Voldoende financiële autonomie voor de provinciale overheid moet in stand blijven of hersteld worden: binnen een eigen belastinggebied moeten eigen afwegingen gemaakt kunnen worden.
De collectieve lastendruk mag in zijn totaliteit niet verhoogd worden, wat een terughoudende opstelling van het rijk inhoudt. Noord Brabant als provincie, haar inwoners en de organisaties die er werkzaam zijn, verdienen een krachtig eigenstandig perspectief.
Wim Thuis (fractievoorzitter) en Gerard Coonen zijn lid van de CDA-statenfractie in de provincie Brabant
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.






Sorteer reacties













