'Ons parlement moet niet gaan optreden als een officier van justitie tegen een geselecteerde bevolkingsgroep, de katholieken'.foto Martien van Dijl
Dat fenomeen zou in de volledige breedte goed en degelijk, ook wetenschappelijk onderzocht moeten worden, en vooral ook bestreden: hoe kan deze ellende worden ingeperkt? Hier ligt een uitdaging, ook voor en vanuit de politiek. Een dergelijk onafhankelijk en objectief onderzoek kan plaatsvinden volgens de bekende triptiek van wijlen kardinaal Cardijn in België): beschouwen (onderzoeken), oordelen en handelen, in zijn eigen franse taal: voir, juger, agir.
Mijn pleidooi is: laat een diepgaand onderzoek plaatsvinden naar geweld jegens kinderen in Nederland. Dat zal een zeer omvattende studie dienen te zijn, waarbij ook het Sociaal Cultureel Planbureau betrokken zou moeten worden. Sub-onderzoeksvragen zijn onder meer: om hoeveel kinderen/jongeren gaat het die slachtoffer zijn van geweld, in welke vorm dan ook; waar vindt dit geweld het meeste plaats? In gezinnen? In bepaalde milieus? In kerkelijke kring? Hoe signaleren we dit geweld? Via huisartsen? Maatschappelijke dienstverlening? De kindertelefoon? Na dit voor-onderzoek zouden betrokkenen (slachtoffers, daders, hulpverleners) gehoord moeten worden. Vanwege het uiterst delicate karakter van dit gedeelte, zou deze fase in vertrouwelijkheid moeten plaatsvinden door een breed samengestelde, maar niet al te omvangrijke commissie. Dus buiten de 'hete adem' van de media.
Fase 2: oordelen. In deze tweede fase zullen de onderzoeksgegevens, en resultaten van de enquête geïnventariseerd en geëvalueerd worden. Ook dat is geen sinecure en vraagt, naast parlementaire deskundigheid óók nadrukkelijk de expertise van sociologen, psychologen,psychiaters, pedagogen, gedragswetenschappers.
Fase 3: handelen. Last but not least zullen uit de eerste twee verkenningen maatregelen ter inperking van fysiek en geestelijk geweld jegens kinderen dienen te worden genomen. Er zijn al programma's tegen pesten die resultaat boeken. Een breder beleid zal zich moeten richten op basale ondersteuning van slachtoffers, maar vooral op preventie van geweld. Dat is de moeilijkste opdracht. Ook hier zal de politiek hand in hand moeten opereren met verschillende disciplines, die bogen op ervaringsdeskundigheid.
Er is nog een bezwaar tegen een parlementaire enquête die door meerdere partijen wordt gevraagd uitsluitend rond misbruik in de RK-Kerk. Het parlement vertegenwoordigt immers álle Nederlanders, gelovig of niet-gelovig; kerks of niet-kerks, en dient op te komen voor eenieders belangen, voor preventie van geweld en misbruik in het algemeen. Ook kinderen buiten de Kerk zijn slachtoffer!
Laat onze volksvertegenwoordiging dus opkomen voor de volksgezondheid in Nederland in algemene zin, voor het terugdringen van bruut geweld en hufterigheid, voor preventie van geweld tegen kinderen,en niet (soms lijkt het hetzerig) uitsluitend de Kerk in de beklaagdenbank te zetten.
Henk JF Degen is diaken, theoloog, kerkjurist, en CDA-lid.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.
Niet beschikbaar!

Sorteer reacties















