Sterf, oude journalistieke organisaties

Auteur: door Geert-Jan Bogaerts |   donderdag 19 januari 2012 | 10:20 | Laatst bijgewerkt op: donderdag 19 januari 2012 | 13:37

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten

Onlangs werd ik door een artikeltje in de Guardian geattendeerd op een essay van Clay Shirky, de Amerikaanse professor die twee van de beste boeken over digitale cultuur heeft geschreven die ik ken. Here comes everybody en zijn opvolger Cognitive Surplus van Shirky hebben mij veel geleerd over de manier waarop het internet onze economie, onze maatschappij, cultuur en politieke besluitvorming beïnvloeden.

Shirky is een optimist – wat aardig aansluit bij mijn eigen levensvisie – en daarom ziet hij de toekomst rooskleurig in. De massale informatie-uitwisseling en de samenwerking die mogelijk wordt gemaakt door het internet zijn een instrument voor emancipatie.

Onheilsprofeten die waarschuwen dat het einde van de wereld nadert, neem je iets minder serieus. Je raakt gewend aan hun pessimisme en je wordt er een beetje moe van. Maar optimisten die het einde van de wereld aankondigen – daar kijk je van op.

Shirky is geen Mayaanse doemvoorspeller, maar waarschuwt wel voor het einde van een tijdperk: dat van de grote, logge journalistieke instituten.

De grote journalistieke ondernemingen van deze wereld (van Rupert Murdochs conglomeraat tot Bertelsmann, en in Nederland De Persgroep en De Telegraaf) zijn het resultaat van twee eeuwen optimalisatie van de journalistieke werkwijze.

Die optimalisatie komt in feite neer op het eenmalig maken van een aantal fundamentele keuzes. Daarop wordt dan de dagelijkse journalistieke praktijk gebaseerd. Die keuzes zijn zo fundamenteel dat ze zelden of nooit ter discussie worden gesteld: we maken dagelijks een krant, niet wekelijks een magazine. We publiceren op papier, we maken geen radio. We publiceren op broadsheet, niet op tabloid. Hooguit 10 procent van de ruimte op de voorpagina gaat naar advertenties. We publiceren alleen werk van professionele journalisten.

Bij de dagelijkse redactievergaderingen gaat het niet over deze keuzes; deze gaan over de actualiteit, en de beste invalshoeken om de actualiteit te omschrijven. Willen we een analyse of een reportage over de gevolgen van het afschaffen van de hypotheekrenteaftrek voor huizenbezitters? Moeten we de nieuwjaarsduik niet eens laten coveren door een sportredacteur voor een lekker satirisch stukkie? Wat voor foto plaatsen we bij deze reportage over Nederlandse trainers in Afghanistan?

Omdat fundamentele keuzes niet dagelijks opnieuw worden gemaakt, zijn instituten per definitie conservatief. Ze blijven werken binnen de ooit vastgestelde kaders. Als deze kaders achterhaald blijken, kan het erg lang duren of zelfs onmogelijk blijken om de fundamentele vragen opnieuw beantwoord te krijgen.

De centrale vraag die Shirky opwerpt, is of deze journalistieke instituten in staat zijn om een goede oplossing te vinden voor de structurele journalistieke en bedrijfseconomische problemen van de laatste jaren. Die problemen zijn veroorzaakt door een serie van factoren, deels technologisch, deels sociaal, deels ook economisch van aard.

Belangrijker dan de oorzaak is het effect: steeds teruglopende oplages en verkoopcijfers, adverteerders die verdwijnen, erosie van traditionele markten, toenemend wantrouwen bij het publiek jegens de journalistieke arbeid.

Shirky's duidelijke antwoord: nee, tenzij. Nee, want nog steeds weigeren de meeste journalistieke instituties de ogen te openen voor het feit dat het publiek zijn informatie inmiddels uit tientallen andere bronnen haalt dan de traditionele journalistieke.

Nee, omdat ook de meeste journalisten zelf liever als een blind paard doorjakkeren op het pad dat ze het beste kennen.

Nee, omdat nog steeds de meeste nieuwsorganisaties denken dat ze met wat kleine aanpassingen hier en daar ook de digitale wereld kunnen veroveren. Het ijzersterke merk dat ze in twee eeuwen hebben opgebouwd, staat daar toch garant voor, zo luidt de gedachte hierachter.

Tenzij – tenzij ze daadwerkelijk radicale oplossingen durven te omarmen. Oplossingen die de populariteit van sociale media erkennen. Oplossingen die de lezers serieus nemen en de journalisten van hun ivoren toren halen. Oplossingen die tegemoet komen aan de eisen van openheid en transparantie van de moderne netwerksamenleving.

Maar ja, zo maken we het cirkeltje netjes rond: radicaliteit binnen een instituut – dat is een contradictio in terminis.

Vrij naar Henriëtte Ronald Holst ('Sterft, gij oude vormen en gedachten' – een regel uit haar vertaling van de Internationale) zou ik hier willen zeggen: Sterft, gij oude journalistieke organisaties!

Geert-Jan Bogaerts is journalist, docent aan de Universiteit van Groningen, webdeveloper, blogger en adviseur op het terrein van nieuwe media en internet.

Bogaerts werkte negentien jaar lang bij dagblad de Volkskrant als achtereenvolgens redacteur Economie, correspondent van de Europese Unie en de NAVO met standplaats Brussel, en Hoofd Online.

Copyright Raker 2012

© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.

 
Reacties
laatste eerstSorteer reacties
Het "einde van de wereld" is een onderbewust in het collectieve geheugen van de mensheid fenomeen in de hoop om na het cataclisme de draad weer op te pakken zonder de 1 % tegen 99 %. Iets spiritueler dan materieel.
Uivel - 30-01-2012 | 13:06
Belofte maakt schuld; ben met schrijver eens dat het einde van de logge journalistiek in zicht is.Buitenlandse (alweer?) bronnen berichten dat het Internet wel degelijk een invloed heeft(gehad) op de terugang van de papieren krant zoals wij die kennen.Professor Philip Meyer (emeritus hoogleraar Journalism aan de Univeritiy of North Carolina, Chapel Hill ( schrijver van " The Vanishing Newspaper; Saving journalism in the information age" ) schreef over het onderwerp een interessant artikel in de American Journalism Review van November 2008 onder de kop " The Elite newspaper of the Future" .Niet alleen Meyer schreef over dit(zorgelijke)onderwerp,ook Mark Briggs schreef in zijn Journalismnext; A practical guide to digital reporting and publishing" .Maar dat de (vrije)nieuwsgaring niet dood is, maar eenvoudig een ander " gezicht" krijg, dat geloof ik stellig.Maak u attent op het(zeer)interessante boek van Don Tapscot en Anthony D.Williams " Wikonomics" (hoe samenwerking met iedereen alles verandert), en waar ik op pagina's 142-145 lees over " prosumenten en klanten( = lezers)betrekken bij innovatie(van de krant).U ziet, er is genoeg gaande over dit onderwerp,waar niet allen de journalisten, maar ook zij die de journalistiek een goed hart toedragen,over kunnen nadenken.U zal, zeker tot medio februari, met (veel)minder reakties/meningen van mij moeten stellen..Vanaf medio februari hoop ik, via een nieuwe internet-provider uw bloeddruk mogelijk(iewat) te verhogen.
rob beckman lapre - 29-01-2012 | 13:34
@Stoffel

Natuurlijk is ook informatie op het Internet onderhevig aan subjectieve verslaggeving. Het informeert echter veel breder omdat je zonder moeite een scala aan internationale kranten ter beschikking hebt. Berichtgeving van uiteenlopende aard vind je daar die de Nederlandse kranten vaak niet haalt. Daarnaast zijn er op Internet veel bloggers actief, kritische mensen die vaak uitstekend weten waar betrouwbare informatie te halen. Dus voor het vormen van een mening ergens over is Internet een uitermate goed medium.

Net als jij vind ik dat een goede journalist wars is van het verkondigen of zelfs maar laten doorklinken van zijn eigen voorkeuren. Een goede journalist zal elk facet belichten, de verschillende partijen beoordelen op de inhoud en dan wellicht een conclusie trekken.

Helaas is de Fries Tony vd Meulen, columnist bij het Brabants Dagblad, zo geobsedeerd door zijn natuurlijke vijand Geert Wilders dat hij meent allerlei Limburgers de maat te moeten nemen in zijn wekelijkse column, Zie 'De afscheiding' van afgelopen zaterdag, allesbehalve 'professioneel'. En voor mij reden genoeg om te veronderstellen dat echt professionele journalisten helaas dun zijn gezaaid in ons landje.
Wim - 25-01-2012 | 13:25
Ik hoop dat ik de komende dagen nog een paar (meer) interessante buitenandse reakties voor en de schrijver van het artikel, en de meer geinteresserde lezer met u mag delen.
rob beckman lapre - 24-01-2012 | 19:29
@Wim.
Denk jij dan dat de digitale bronnen op internet minder subjectief zijn? Deze zijn allereerst gebaseerd op blindelings copy&paste van een andere bron, die niet geverifieerd wordt. Ik heb wel eens een dergelijk bericht via de bronvermelding (hyperlink) teruggezocht naar de originele bron. Dat was in dat geval maar liefst zeven keer doorklikken met telkens de exact dezelfde, ongewijzigde tekst. De laatste hyperlink was dood. Omdat het toevallig iets uit mijn vakgebied was, kon ik oordelen dat het bovendien grotendeels onzin betrof.

Ik heb liever een professionele journalist die opgeleid is en zijn of haar werk goed doet en de bronnen natrekt en ook kan verantwoorden. Aan het papegaaiencircuit van internet en de sociale media heb ik niets. Als ik me niet lekker voel ga ik naar de arts en niet rondstruinen op internet om te achterhalen waardoor mijn klachten ontstaan. Ik heb behoefte in mijn nieuwsgaring aan vakmanschap en deskundigheid waaraan ik mij kan spiegelen en geen anonieme kwibussen die ook iets menen te moeten menen.

Dat de papieren krant wordt ingewisseld door digitale media, heb ik geen moeite mee, als het maar blijft gebaseerd op het journalistieke metier. Dat dit metier kwalitatief onder druk staat en af en toe rammelt komt door verslechterende opleidingen, vercommercialisering en m.i. ook door ... de sociale media.
Stoffel - 22-01-2012 | 13:03

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig

Regels voor artikelreacties

Het Brabants Dagblad lezers graag de mogelijkheid te reageren op nieuwsartikelen. Hieraan zijn voorwaarden verbonden. Lees de regels.

  1. Het Brabants Dagblad houdt zich het recht voor om zonder opgaaf van redenen reacties te weigeren of te verwijderen.
  2. Reacties met als afzender een overduidelijk valse naam, bijvoorbeeld die van een bekende Nederlander, of met in de afzender scheld- of schuttingwoorden worden niet geplaatst.
  3. Verwijzingen naar websites worden niet geplaatst.
  4. Er mag geen sprake zijn van het schenden van het copyright van derden (citeren mag, complete publicaties overnemen niet).
  5. Letterlijk identieke reacties worden niet geplaatst.
  6. Reacties in een buitenlandse taal kunnen we niet plaatsen.
  7. Commerciële boodschappen worden niet geplaatst
  8. Reacties die het technisch functioneren van de website zouden kunnen hinderen, worden niet geplaatst.
  9. Reacties waarin niet fatsoenlijk wordt omgegaan met anderen, andermans mening niet wordt gerespecteerd of anderen worden beschuldigd worden niet geplaatst.
  10. Oproepen tot oproer en demonstraties worden niet geplaatst.
  11. Doodsverwensingen en reacties met scheldwoorden en/of beledigingen worden niet geplaatst.
  12. De wet mag niet worden overtreden. Denk met name de wetsartikelen over discriminatie.
  13. Van -ook geweigerde- reacties waarin concreet bedreigingen worden geuit tegen personen of groepen personen, doen wij aangifte.

Het IP-adres vanwaar wordt gereageerd wordt vastgelegd.

Zie ook de Leidraad ethisch handelen van de redactie van het Brabants Dagblad.

  • www.probeereenkrant.nl
  • www.autotrack.nl
  • www.jobtrack.nl
  • www.mensenlinq.nl
  • www.funda.nl
  • www.kleintjesmarkt.nl
  • www.tickettrack.nl
  • www.deondernemer.nl
  • www.lekkerpuzzelen.nl
  • www.sweetdeal.nl