Minister vertilt zich aan invoering patiëntendossier

Auteur: door Bart Berden en Hans Candel |   woensdag 07 januari 2009 | 03:37 | Laatst bijgewerkt op: woensdag 07 januari 2009 | 09:36

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
Bard Berden, bestuurder St. Elisabeth Ziekenhuis. Foto  St. Elisabeth Ziekenhuis

Bard Berden, bestuurder St. Elisabeth Ziekenhuis. Foto St. Elisabeth Ziekenhuis

Minister Klink maakt tempo met het invoeren van het landelijk elektronisch patiëntendossier. Eind 2009 moet het al ingevoerd zijn. Begin november ontvingen alle burgers hierover een aankondigingbrief. Via het patiëntendossier (LEPD) moeten alle zorgverleners veilig en snel actuele informatie kunnen opvragen uit computers van andere zorgverleners.

De gegevens van de patiënt kunnen niet opnieuw bewaard worden in de computer van de 'aanvrager'. Daarmee blijft de verantwoordelijkheid voor de gegevens bij de zorgverlener die ze heeft ingevoerd. De informatie in patiëntendossiers is vertrouwelijk, een zorgverlener moet dus een geldige reden hebben om gegevens op te vragen.

In de aankondigingbrief staat dat het patiëntendossier het maken van fouten moet voorkomen. De brief gaat echter niet in op de complexiteit van dit voornemen, noch wordt een meer concreet moment genoemd waarop het ingevoerd moet zijn, dan 'eind 2009'. Vreemd, want aan de betrokken zorgverleners heeft de minister via de Tweede Kamer laten weten dat hij het al op 1 september 2009 werkend wenst te hebben. Dat schept verwarring.

De invoering van het patiëntendossier klinkt simpel, maar dat is het beslist niet. Er zijn in Nederland ruim 8000 huisartsen, circa 100 ziekenhuizen, bijna 2000 apotheken en bijna 1500 verloskundigenpraktijken. Momenteel gebruiken zij zeer verschillende elektronische informatiesystemen, elektronische dossiers, datacommunicatie netwerken en protocollen. De minister wil dat alle zorgverleners binnen één jaar informatie kunnen uitwisselen via het LEPD. Twee recente pilots in Winterswijk en Rotterdam toonden onoverkomelijke technische problemen, naast onduidelijkheid over privacy en aansprakelijkheid.

Dit neemt niet weg dat het patiëntendossier alom als zinvol wordt gezien. Het dient de veiligheid en maakt de zorg efficiënter en vriendelijker voor de patiënt. Ondanks dat het grote belang van het patiëntendossier al meer dan vijftien jaar wordt onderkend, hebben alle inspanningen van onder meer huisartsen, specialisten en ziekenhuizen tot op heden weinig opgeleverd. Niet verwonderlijk, omdat deze schakels los van elkaar zijn georganiseerd en gefinancierd. Daarom is vaak gevraagd om coördinatie, inclusief het beschikbaar stellen van geld. Veel geld, omdat het dwingend afstemmen, ombouwen en invoeren een zeer omvangrijke en dus dure klus is.

Aan het waarborgen van de privacy wordt veel aandacht besteed. Daarbij gaat het niet om eenvoudige afscherming, maar om het omgaan met gegevens die soms wel, maar veel vaker niet toegankelijk mogen zijn. Ook moet de vraag worden beantwoord van wie het LEPD is en wie eindverantwoordelijk is. Er is veel voor te zeggen om de patiënt eigenaar te maken. Maar dat lost niet alles op, want wie mag iets aan het dossier toevoegen en of weghalen? Wat mag er met de gegevens, al dan niet geanonimiseerd, gebeuren? Is populatieonderzoek toegestaan, daar waar het om de volksgezondheid gaat? Er is nog veel te winnen: het aantal mensen dat op het internet zoekt naar het begrip 'griep' blijkt een betere maat te zijn voor het actuele aantal grieplijders dan de formele registratie van de overheid.

De invoering van het patiëntendossier in Europese landen geeft ons bruikbare informatie. Het blijkt dat het ontwikkelen en invoeren van een LEPD veel tijd kost, ten minste vijf jaar. Het overwinnen van technische problemen blijkt steeds lastiger dan gedacht. Ook de aanname dat geld wordt bespaard, komt voorlopig niet uit. In Engeland zou het LEPD op zijn vroegst in 2014, het jaar van oplevering, 1,4 miljard euro moeten besparen.

In Nederland gaat de uitrol in de proefregio's erg moeizaam, zowel functioneel als technisch. De landelijke discussie over informatiebeveiliging helpt ook niet echt. Een onderzoek bij twintig ziekenhuizen, uitgevoerd in juni 2007 maar pas recent gepubliceerd, toont dat de beveiliging bij alle twintig onder de maat zou zijn.

Samenvattend is de sympathieke ambitie voor 2009 van het ministerie irreëel. Vijf jaar is een veel realistischer termijn en haalbaar mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Landelijke coördinatie is gewenst waarbij VWS opdrachtgever is. Ook moet er voor een landelijke aannemer worden gekozen die, voorzien van adequate bevoegdheden en budget, de technische, functionele en beveiligingseisen oplost. Uiteraard in overleg met het veld.

Het versturen van de aankondigingbrief, als onderdeel van de communicatiestrategie, gebeurde veel te vroeg. Het past bij grote maar niet reële verwachtingen van de minister en parlement. En, nog erger, de uitblijvende resultaten laten het gevoel van onveiligheid toenemen. Voor nu is het zaak de verwachtingen aangaande het patiëntendossier rap tot een realistisch niveau terug te brengen en eendrachtig te werken aan de realisatie.

Prof. dr. Bart Berden is lid Raad van Bestuur van het St. Elisabeth Ziekenhuis Tilburg en parttime hoogleraar organisatieontwikkeling aan de TiasNimbas Business School van de Universiteit van Tilburg. Ir. Hans Candel is manager Informatisering & Automatisering in het St. Elisabeth Ziekenhuis Tilburg.

© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig

Regels voor artikelreacties

Het Brabants Dagblad geeft lezers op de website de mogelijkheid te reageren op nieuwsartikelen. Het feit dat een mening of visie op maatschappelijke gebeurtenissen wordt gepubliceerd impliceert niet dat het Brabants Dagblad die mening ook deelt of op welke wijze dan ook ondersteunt. Het Brabants Dagblad houdt zich het recht voor reacties te weigeren.

  1. Anonieme reacties worden niet geplaatst. De afzender dient naam en bij voorkeur ook woonplaats te vermelden. Vermelding van het e-mailadres is verplicht.
  2. Reacties met als afzender een overduidelijk valse naam, bijvoorbeeld die van een bekende Nederlander, of met in de afzender scheld- of schuttingwoorden worden niet geplaatst.
  3. Verwijzingen naar websites worden niet geplaatst.
  4. Er mag geen sprake zijn van het schenden van het copyright van derden (citeren mag, complete publicaties overnemen niet).
  5. Letterlijk identieke reacties worden niet geplaatst.
  6. Maak de reacties niet te lang. De grens ligt bij 500 karakters. Complete boekwerken worden als reactie niet gewaardeerd en ook niet geplaatst.
  7. Nietszeggende reacties ("Tsjongejonge" of "Schandalig" ) zonder onderbouwing worden niet geplaatst.
  8. Reacties in een buitenlandse taal kunnen we niet plaatsen.
  9. Reacties volledig of overwegend in hoofdletters, plaatsen we niet.
  10. Commerciële boodschappen (spam) worden niet geplaatst
  11. Reacties die het technisch functioneren van de website zouden kunnen hinderen, worden niet geplaatst.
  12. Er zijn fatsoensregels. Reacties waarin niet fatsoenlijk wordt omgegaan met anderen en andermans mening niet wordt gerespecteerd worden niet geplaatst.
  13. Oproepen tot oproer en demonstraties worden niet geplaatst.
  14. Doodsverwensingen en reacties met scheldwoorden en/of beledigingen worden niet geplaatst.
  15. De wet mag niet worden overtreden. Denk bijvoorbeeld aan de Grondwet en met name artikel 1 ("Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.") Het beledigen of het aanzetten tot haat, discriminatie of gewelddadigheid vanwege ras, godsdienst, levensovertuiging, sekse of seksuele gerichtheid mag evenmin.
  16. Bij reacties waarin concreet bedreigingen worden geuit tegen personen of groepen personen, kunnen wij aangifte doen.

Het IP-adres vanwaar wordt gereageerd wordt vastgelegd.

Zie ook de Leidraad ethisch handelen (PDF) van de redactie van het Brabants Dagblad. Neem bij vragen contact op met de betreffende redactie .