Het was een opmerkelijk compliment dat Geert Wilders vorige week kreeg uitgedeeld in het weekblad Vrij Nederland. Aan het woord was Ahmed Aboutaleb, PvdApoliticus, staatssecretaris van Sociale Zaken en eigenaar van een Nederlands én Marokkaans paspoort.
Het knappe van Wilders is, zo sprak Aboutaleb, dat hij er in de slaagt om
'de pijn van de samenleving op de agenda te zetten'. De pijn van de
samenleving, in dit geval was dat de 'straatterreur' van ontspoorde
Marokkaanse jongeren. Hoe doe je dat: pijn agenderen, vroegen de
interviewers van Vrij Nederland. "Door er openlijk over te praten"
, was het antwoord van Aboutaleb. Man en paard noemen, scherpe opmerkingen
maken, de vuist op tafel: dat zal er in de ogen van de staatssecretaris
allemaal toe leiden dat de Marokkaanse gemeenschap haar eigen etterbuiltjes
eindelijk eens tot de orde roept. Een flink deel van politiek links vindt
het nog steeds moeilijk om ook dit 'stukje pijn' openlijk te benoemen. Ook
in zijn eigen partij heeft Aboutaleb nog heel wat zendingswerk te
verrichten, want de manier waarop hij over ontsporende Marokkaanse jongeren
praat, verschilt dag en nacht met die van minister Ella Vogelaar.
Politiecommissaris Stikvoort van Gouda mengde zich vorige week in het
Marokkanen-debat met het pleidooi om bij het bespreken van de pijn van de
samenleving toch vooral de juiste toon aan te slaan. Daar had de politiechef
gelijk in: het geeft geen pas om te roepen dat het 'land in brand staat',
zoals VVD-Kamerlid Laetitia Griffith deed.
Aan de andere kant van
het spectrum zien we echter nog steeds politici die met hun hoofd in een
multiculturele wolk lopen. In Den Bosch keerde dinsdag GroenLinks-wethouder
Bart Eigeman terug van zijn tripje naar Marokko. In het gezelschap van een
groep Marokkaanse jongeren was Eigeman vorige week in het vliegtuig gestapt.
Dat was precies een week nadat de gemeente een rapport had geopenbaard,
waarin te lezen stond dat één op de vijf Marokkaanse jongeren in de
provinciehoofdstad met de politie in aanraking komt. Wie de cijfers van
andere steden kent, weet dat dat niet eens uitzonderlijk veel is, maar een
wethouder die gezegend is met een politieke antenne, zou beseffen dat je na
publicatie van het rapport beter géén reisje naar Marokko kunt maken.
Eigeman deed het wel en verklaarde dinsdag dat hij 'die gasten wilde laten
voelen dat de gemeente ze heel hard nodig heeft'.
Hartverwarmend
en de jongeren die met hem door Marokko sjouwden, zullen ook zeker niet de
beroerdsten zijn. Maar was het ook al geen royaal gebaar dat de gemeente dit
reisje überhaupt betaalde? Waarom moest de wethouder ook nog in eigen
persoon mee (terwijl hij toch in zijn eigen stad de handen vol heeft aan
zijn overhaast opgerichte jongerencentrum Talent Factory)? Eigeman pareerde
de vraag met een verwijzing naar de plannen die hij samen met de jongeren
had bedacht, onder de Marokkaanse zon. Plannen die een bijdrage zouden
moeten leveren aan de oplossing van het Marokkanenprobleem in de stad, aldus
Eigeman. Als voorbeeld noemde hij een voetbaltoernooi, maar er zat nog meer
in het vat. Wat precies, dat zouden we binnenkort wel horen.
Femke
Halsema, partijleider van Eigeman, schreef vorig jaar op haar eigen weblog
dat het democratisch debat in Nederland gekenmerkt wordt door een overschot
aan 'testosteron'. Haar wethouder in Den Bosch maakt zich daar in elk geval
niet aan schuldig, maar het is ook niet vreemd dat zijn reisje Geert Wilders
onmiddellijk inspireerde tot een kamervraag met een hoog testosterongehalte:
'Kan de minister er voor zorgen dat er geen cent belastinggeld meer uit
wordt gegeven aan dit soort zinloze snoepreisjes?'
Het agenderen
van de pijn van de samenleving: de ene politicus is er inderdaad een stuk
bedrevener in dan de ander. Maar er moet in Den Bosch toch iemand te vinden
zijn die Eigeman kan vertellen hoe dat moet en waarom dat nodig is?
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties












