Vorig jaar verraste de Duitse auteur Daniël Kehlmann een internationaal
lezerspubliek met een roman in negen verhalen, getiteld Roem. De samenhang
tussen de delen was groot. De vele onderlinge verwijzingen schraagden het
boek, naar voorbeeld van David Mitchell's De geestverwantschap - al zei
Kehlmann dat hij dat boek niet kende.
Het derde verhaal uit Roem ging over ene Rosalie. Ze reist naar Zwitserland,
want daar bestaat een aantal klinieken die hulp bieden bij zelfdoding. Het
gaat er net zo klinisch aan toe als in een privékliniek voor knieoperaties.
Die klinieken voor hulp bij zelfmoord bestaan daadwerkelijk in Zwitserland.
Of Roem eraan bij heeft gedragen, is onbekend, maar in oktober heeft de
Zwitserse minister van Justitie gezegd dat er een einde dient te komen aan
het zelfmoordtoerisme. "We hebben er als land geen belang bij
aantrekkelijk te zijn voor zelfmoordtoerisme", zei minister van
Justitie Eveline WidmerSchlumpf. Steeds meer mensen uit het buitenland die
een einde willen maken aan hun leven gaan daarvoor naar Zwitserland. En
steeds vaker gaat het om mensen die niet terminaal ziek zijn.
Na
Roem verscheen vorig jaar nog een boek over dit thema. De begeleider, een
roman van de Nederlandse auteur Peter Drehmanns (1960). De begeleider in
kwestie is Leo Zonderland, die rond het zelfmoordtoerisme richting Zürich
een handeltje heeft opgezet.
Hij brengt mensen die er een einde
willen maken, naar Zwitserland. Verzorgde reizen, hij laat niets aan het
toeval over. Als een gigolo die het zijn clientèle naar de zin wil maken, zo
slijmt en drijft Zonderland zijn klanten richting de eeuwige jachtvelden. De
reis voert naar vijftien gram natrium-pentobarbital die aan alle ellende een
einde maakt.
Drehmanns beschrijft drie van Zonderlands klanten.
Mevrouw R. is opgegeven door de psychiatrie.
Eenmaal impotent, is
meneer M. alle lust ontgaan. Mevrouw W. is een mondhygiëniste die niet
langer tegen de stank kan.
'De moralisten zouden zeggen: in
hoeverre kan er nog sprake zijn van vrije wil wanneer iemands leven
volstrekt richtingloos is geworden? Ik zeg: als iemand niet meer weet waar
hij heen moet, dan bied ik hem een uitweg'. Zoals het een goed boek betaamt,
is het de stijl die het doet. In een prettige afwisseling van ironie en
sarcasme, en daarmee zwalkend tussen tragedie en zwarte humor, beschrijft
Drehmanns Zonderlands manier van denken en doen.
Duidelijk is dat
hij er alle baat bij heeft zijn klanten zo rap mogelijk bij de kliniek af te
leveren. Niets erger voor zijn handel dan een zelfmoordenaar die zich
bedenkt. Hij moet aanprijzen, zachte dwang uitoefenen, volhouden. Hij mag
van mevrouw R. op de Autobahn maar 80 kilometer per uur rijden. Dat schiet
niet op. Al is het wel veilig. Het is zaak de klant levend in de
zelfmoordkliniek te krijgen.
Ze komen aan, om te gaan. In scènes
die er op het moment suprème niet om liegen. Niet in de laatste plaats omdat
Leo Zonderland zich oost-indisch doof toont voor signalen die erop duiden
dat de klanten nog te helpen zijn. Drehmanns doet dat wonderbaarlijk mooi.
"Zelfmoord moet alleen een laatste toevlucht zijn," aldus het
Zwitserse ministerie van Justitie in een verklaring, vorig jaar. Zonderland
zou zeggen dat dat al lang het geval is.
Peter Drehmanns - De
begeleider. Querido, 18,95 euro.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.
















