JOHANNESBURG - "Ach, we tobben maar een beetje aan", is - vertaald
in Brabants - het antwoord op de vraag hoe het met haar gaat. Miriam Makeba
vertelt daarmee niet de hele waarheid. Haar conditie is broos, inderdaad.
Maar eenmaal op het podium is de last daarvan een stuk minder. En hoewel al
76 jaar, vliegt ze gerust wéér naar Europa voor concerten. In Tilburg en
Amsterdam, bijvoorbeeld.
Maar had de Zuid-Afrikaanse zangeres, wereldster sinds de jaren zestig, dit
voorjaar dan niet al een vaarwel aan het Nederlandse publiek gebracht? En is
het niet zo dat ze al jaren afscheid aan het nemen is? "Jawel",
zegt ze door de telefoon vanuit Johannesburg. "Maar ze blijven me maar
vragen. En als het even kan, dan ga ik. Want zingen is het liefste dat ik
doe. Het lichaam wordt oud, de stem nooit."
In Tilburg
verschijnt ze in naam van een organisatie die zich inzet oor het welzijn van
ouderen in ontwikkelingslanden. WorldGranny heet die. "Nou, hier heb je
d'r een", grinnikt ze. "Ik heb zelfs al drie achterkleinkinderen."
Een van hen speelt in de band die ze mee brengt, evenals een kleinzoon.
'Mama Africa' is haar koosnaam. Miriam Makeba is een begrip, haar
levensverhaal dikke boeken waard. Die ook inderdaad geschreven zijn.
Ze belichaamde de term wereldmuziek decennia voordat die in zwang kwam. Ritmes
en zang uit de townships mengde ze met jazz en soul, geholpen door Harry
Belafonte. 'Pata Pata' en 'The Click Song' zijn evergreens. Ze bracht ze
wereldwijd, óók op het allereerste Festival Mundial. En ze zingt ze ook
straks in Tilburg weer. Lachend: "Ik kom er niet mee weg als ik dat
niet doe."
Makeba's leven was stormachtig. Ze overleefde
baarmoederhalskanker, huwde en verliet illustere mannen (muzikant Hugh
Masekela, Black Power-voorvechter Stokeley Carmichael) en verloor haar enige
dochter.
Ze was, dertig jaar lang verbannen uit haar land, het
boegbeeld van de strijd tegen de apartheid. Zo groot was haar status dat ze
de politieke wereldtop kon toespreken op vergaderingen van de VN. Nelson
Mandela zelf verwelkomde haar in 1991 weer in Zuid-Afrika.
Maar,
zegt ze stellig, noem haar ook met terugwerkende kracht géén activiste.
"Ik snap dat niet. Als je je land liefhebt, en de tijden zijn moeilijk,
is het volslagen natuurlijk dat je je best doet om je daaruit te bevrijden.
Zoals het voor mij ook vanzelf spreekt dat ik me met liefdadigheid
bezighoud. Iedereen zou dat moeten doen."
In Zuid-Afrika,
tussen Johannesburg en Pretoria, is een opvangcentrum voor twintig meisjes
uit gebroken gezinnen naar Makeba genoemd. Ze bezoekt het regelmatig. "
Als de zorg voor hen in mijn naam gebeurt, wil ik ze ook kennen."
De liefdadigheid beperkt zich niet tot de landsgrenzen. Begin dit jaar was ze
nog in Congo om geld in te zamelen voor vrouwenopvang. "Door oorlog
verscheurd of niet, het is het waard om in zo'n land te zijn. De mensen
houden van mij, en ik van hen."
En daarnaast: muziek overbrugt
alles. "Voor ons in Afrika in ieder geval wel. Als een kind wordt
geboren zingen we, als een naaste overlijdt ook. Voor welk aspect van het
leven ook, een lied is er altijd."
Miriam Makeba, woensdag 5
november, Concertzaal Tilburg, 20.30 uur.
© Brabants Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.
















