LEIDEN - Nederland behoort nog steeds tot de landen met de hoogste babysterfte in Europa. Een op de honderd baby's in Nederland sterft tijdens of direct na de geboorte. Alleen in Frankrijk en Letland is dat cijfer hoger. Dat blijkt uit onderzoek van onder meer TNO en Maastricht UMC dat gisteren werd gepresenteerd.
Zie ook:
De Tweede Kamer wil opheldering over de babysterfte. Minister Ab Klink
(Volksgezondheid) moet met een brief komen waarin hij uiteenzet hoe het op
dit moment staat met de babysterfte.
In het onderzoek zijn 26
Europese landen betrokken. De laagste babysterfte is in Luxemburg, Slowakije
en Spanje. Daar overleven vijf op de duizend baby's de eerste uren na de
bevalling of de bevalling zelf niet. In Nederland ligt dat aantal dus twee
keer zo hoog. In Frankrijk en Letland overleven elf van de duizend baby's de
geboorte of de uren direct erna niet.
Toch brengt het onderzoek
niet alleen slecht nieuws. De babysterfte in Europa is wel gedaald sinds de
vorige meting in 1999. Toen had Nederland het hoogste sterftecijfer van
vijftien EU-landen. De onderzoekers baseren zich nu op cijfers uit 2004.
De oorzaak van de vele sterfgevallen is niet geheel duidelijk. Waarschijnlijk
is de relatief hoge leeftijd van moeders in Nederland van invloed. Ook is
het aandeel meerlingzwangerschappen hoger dan in andere Europese landen.
De onderzoekers noemen tevens als oorzaak dat Nederlandse kinderartsen
terughoudend zijn met het behandelen van extreem vroeg geboren baby's.
Hierdoor overlijden deze vaker vlak na de geboorte dan in het buitenland.
Volgens wetenschappers is in ieder geval de thuisbevalling geen oorzaak. Vijf
jaar geleden werd als verklaring nog gewezen op deze typisch Nederlandse
traditie. "De risico's zijn dit keer in het onderzoek meegenomen",
zegt Simone Buitendijk van TNO.
Bekijk de videoreportage van het NOS Journaal:



Sorteer reacties













